Einde inhoudsopgave
Sturen met proceskosten (BPP nr. XII) 2011/7.4.2
7.4.2 Unilateraal/bilateraal en het aantal activiteiten
mr. P. Sluijter, datum 31-10-2011
- Datum
31-10-2011
- Auteur
mr. P. Sluijter
- JCDI
JCDI:ADS597904:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Shavell 2004, p. 199 e.v.; Winters 2001, p. 176-177 en 187-191.
HR 5 november 1965, NJ 1966, 136. Het slachtoffer had recht op slechts 50% vergoeding van zijn schade, nu hij ook eigen schuld had aan zijn val.
Om die reden wordt niet ingegaan op de verschillende varianten van risicoaansprakelijkheid en schuldaansprakelijkheid waarin ' eigen schuld' is meegenomen, zie voor een analyse daarvan Brown 1973.
Shavell 2004, p. 193-199: Winters 2001, p. 176.
Denk aan cursussen aan de chauffeurs, verplichte rusttijden en dodehoekspiegels (even gedacht vanuit de assumptie dat er slechts private aansprakelijkheidsregulering is en geen aanvullende overheidsregels).
Dat kan door gebruik van alternatieven, zoals vervoer per spoor of per boot, maar ook doordat er minder vervoer plaatsvindt (de fabriek wordt verplaatst).
' Onvrijwillig' is hier wel relatief, nu een partij hier aan kan ontkomen door aan de eisen of verweren van de wederpartij tegemoet te komen.
Waarbij nog buiten het feit wordt gerekend dat bij draconische aansprakelijkheden ook een voordeel ontstaat: een hogere eigen opbrengst als de wederpartij in de fout gaat.
In unilaterale gevallen heeft alleen de potentiële dader met zijn (gebrek aan) voorzorgsmaatregelen invloed op de kans op een ongeval, terwijl bij bilaterale gevallen ook het potentiële slachtoffer invloed kan hebben op die kans door eigen (on)voorzichtigheid.1 Iemand die schade lijdt doordat een vrachtwagen zijn huis in rijdt, kan daar feitelijk geen voorzorgsmaatregelen tegen nemen (= unilateraal), terwijl het slachtoffer in het Kelderluik-arrest ook met eigen oplettendheid de val had kunnen voorkomen (= bilateraal).2 Bij onnodig vertragend en/of kostenverhogend gedrag liggen unilaterale situaties het meest voor de hand. Als een partij een stuk te laat indient, liegt of niet ter zitting verschijnt, is het moeilijk voor te stellen dat de wederpartij of rechter de vertraging en/of extra kosten door eigen voorzorgsmaatregelen had kunnen voorkomen. In het vervolg zal de theorie met betrekking tot bilaterale situaties dus buiten beschouwing worden gelaten.3
Een variabel aantal activiteiten houdt in dat een potentiële schadeveroorzaker niet alleen invloed heeft op zijn mate van voorzichtigheid, maar ook op de frequentie waarin hij überhaupt deelneemt aan de activiteit waarbij eventuele schade kan worden veroorzaakt.4 In het geval van verkeersdeelnemers is dit makkelijk voor te stellen: als vervoersbedrijven flinke schadevergoedingen moeten betalen voor vrachtwagenongelukken, dan kunnen ze zorgen voor een grotere mate van voor-zorg,5 maar de totale last van voorzorgsmaatregelen en/of schadevergoedingsverplichtingen drijft ook de kosten en daarmee de prijs op, waardoor het gebruik dat wordt gemaakt van vrachtwagenvervoer zal dalen.6 In dat geval hebben aansprake-lijkheidsregels dus niet alleen invloed op de voorzichtigheid, maar ook op de frequentie waarin een activiteit wordt uitgevoerd. De level ofactivity bestaat bij verstorend procesgedrag uit de keuze om überhaupt te procederen, maar ook uit de keuzes voor extra processtappen. Het is dus niet alleen de vraag of financiële consequenties ten aanzien van verstorend gedrag leiden tot voorzichtiger(e) (voorbereidingen van) procesgedrag, maar ook of ze leiden tot minder procedures en minder vervolgstappen per procedure. Een complicerende factor daarbij is dat de ene partij de ander onvrijwillig in een procedure of in een volgende processtap kan betrekken.7 Nu zal het bestraffen van leugens of het niet verschijnen ter zitting niet snel leiden tot terughoudendheid met procederen, tenzij de aansprakelijkheden tot draconisch hoge vergoedingsplichten leiden.8 Er zijn gedragingen waarbij het aantal activiteiten een grotere rol kan spelen, zoals bij de repeat players die hun bedrijfsvoering afstemmen op het incasseren van vele vorderingen per maand. Het afstraffen van het niet voldoen aan de substantiëringsplicht zal afhankelijk van de zwaarte van de sanctie niet alleen leiden tot beter uitgewerkte dagvaardingen met producties, maar ook tot hogere kosten per incassoprocedure, die weer leiden tot hogere prijzen en daarmee normaliter tot minder van dit soort procedures.
Op verstorend procesgedrag moeten dus duidelijk de unilaterale modellen worden toegepast, maar de vraag in hoeverre ook met de level of activity rekening moet worden gehouden hangt af van de categorie verstorende gedragingen.