Einde inhoudsopgave
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/7.8.2.5.5
7.8.2.5.5 Certificaathoudersvergadering
Mr. dr. A.E. de Leeuw, datum 29-02-2020
- Datum
29-02-2020
- Auteur
Mr. dr. A.E. de Leeuw
- JCDI
JCDI:ADS232774:1
- Vakgebied(en)
Vermogensbelasting (V)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Voor zover het aspecten van het vorderingsrecht van de certificaathouders zelf betreft, kan dit geregeld worden in de administratievoorwaarden, zie paragraaf 7.9.1. Zie paragraaf 7.8.2.4 voor de aspecten die in de statuten van de STAK geregeld kunnen worden versus de aspecten die thuishoren in de administratievoorwaarden.
Uiteraard is ook mogelijk om de vergadering van certificaathouders een recht tot wijziging van (delen van) de statuten te geven, maar dit is bij certificering in de familiesfeer geen logische bepaling.
Dit betreft echter een op de administratievoorwaarden (en niet de statuten van de STAK) gebaseerde bevoegdheid, aangezien een blokkeringsregeling het verbintenisrechtelijke deel van de rechtsverhouding tussen STAK en certificaathouder betreft. Deze goedkeuringsbevoegdheid zou in lijn daarmee ook aan de gezamenlijke certificaathouders toegekend kunnen worden, in plaats van aan de vergadering van certificaathouders.
In de statuten van de STAK kan tevens een vergadering van certificaathouders als orgaan van de STAK worden ingesteld, om de certificaathouders in meer of mindere mate inspraak te geven in aangelegenheden van de organisatie van de STAK.1 De mate waarin zeggenschap wordt toegekend aan de vergadering van certificaathouders hangt uiteraard samen met het doel van de certificering. Bij familiale certificering, waarmee een duurzame scheiding tussen zeggenschap en belang wordt nagestreefd, past om de certificaathouders slechts een beperkte mate van inspraak c.q. invloed te verschaffen. Om het evenwicht de bewaren tussen de certificaathouders en het bestuur, is naar mijn mening echter ten minste een zodanige invloed voor de certificaathouders noodzakelijk, dat zij hun belangen kunnen waarborgen.
Zoals in de paragrafen hiervoor reeds aan de orde gekomen, kan de vergadering van certificaathouders onder meer de volgende bevoegdheden krijgen:
bevoegdheid om bestuurders te benoemen en ontslaan (hetgeen bij familiale certificering minder voor de hand ligt) of om een bestuursbenoeming goed te keuren;
goedkeuringsrecht2 ter zake van het wijzigen van de statuten of specifieke statutaire bepalingen, zodat de statuten in elk geval niet buiten de certificaathouders om te hunnen nadele gewijzigd kunnen worden;
goedkeuringsrecht ter zake van bepaalde (andere) bestuursbesluiten, zoals ontbinding van de STAK, of juridische fusie of splitsing, of wijziging van de doelomschrijving van de STAK;
goedkeuringsrecht ter zake van de voorgenomen overdracht van certificaten in het kader van een blokkeringsregeling in de vorm van een goedkeuringsregeling,3 met dien verstande dat bij certificering in de familiesfeer een ander goedkeurend orgaan meer voor de hand ligt.
Afhankelijk van het aantal certificaathouders en hun onderlinge relatie (bijvoorbeeld broers en zussen of verder verwijderde familieleden) kan bepaald worden dat voor (bepaalde) besluiten van de vergadering van certificaathouders een quorum is vereist. Een quorum doet bovendien de machtsverhouding tussen bestuur en certificaathouders iets verschuiven: naarmate de medewerking van meer certificaathouders nodig is, wordt het moeilijker om een bepaald besluit te nemen. In geval van een goedkeurend besluit blokkeert dit het handelen van het bestuur en geeft het een zekere macht aan een minderheid van certificaathouders. In geval van een initiatief bij de certificaathouders maakt een quorum het moeilijker voor de certificaathouders om van hun bevoegdheden gebruik te maken, omdat een relatief kleine groep dit kan blokkeren. Om te voorkomen dat één of enkele certificaathouders een onevenredig grote invloed krijgen, zou slechts voor een quorum gekozen moeten worden (i) bij grote aantallen certificaathouders, zodat ook tegenstemmende minderheid een redelijk aantal personen omvat, of (ii) indien het ingrijpende besluiten betreft, zodat een relatief grote invloed van één of enkele certificaathouders gerechtvaardigd is.