Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/5.8.3.2
5.8.3.2 Hoge Raad
mr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291307:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
MvT, Kamerstukken II 1993/94, 23 638, nr. 3, p. 9.
HR 15 september 1993, nr. 28.979, BNB 1993/314 en HR 29 juni 1994, nr. 29.805, FED 1994/533, m.nt. Tuinte.
MvT, Kamerstukken II 1995/96, 24 703, nr. 3, p. 5.
Het is niet noodzakelijk dat dat de bebouwing nog de oorspronkelijke functie van het oude gebouw kan vervullen; het vervullen van de functie van een gebouw volstaat. Vgl. Hof Amsterdam 7 november 2013, nr. 12/01168, V-N 2014/14.13 waarin de sloopwerkzaamheden aan de binnenzijde van een kantoorgedeelte van een complex niet aan het gebruik als anti-kraakwoning van die gedeelten in de weg stonden.
HR 5 oktober 2018, nr. 16/04577, BNB 2019/5, m.nt. Van Zadelhoff.
HR 7 maart 2003, nr. 37.525, BNB 2003/193, m.nt. Van Zadelhoff.
HR 5 oktober 2018, nr. 16/04577, BNB 2019/5, m.nt. Van Zadelhoff, r.o. 2.6. Uit het Garage-arrest zelf is dit niet af te leiden, omdat tussen partijen niet in geschil was dat de levering van het gedeeltelijke gesloopte gebouw kwalificeerde als de levering een gebouw (HR 7 maart 2003, nr. 37.525, BNB 2003/193, m.nt. Van Zadelhoff). In gelijke zin: W.A.P. Nieuwenhuizen, ‘Wie sloopt kan een nieuw monumentaal gebouw leveren en anders niet?, BTW-bulletin 2019/13, p. 18.
In de Nederlandse parlementaire geschiedenis werd aanvankelijk de opvatting gehuldigd dat bij sloop van een gebouw pas sprake is van onbebouwde grond indien het gebouw volledig, d.w.z. inclusief de fundering, is gesloopt.1 De jurisprudentie van de Hoge Raad2 heeft er vermoedelijk toe geleid dat de grens tussen een gebouw en onbebouwde grond in de parlementaire geschiedenis is verlegd naar het moment dat door de sloop geen bebouwing over is die de functie van een gebouw kan vervullen.3 Uit de Nederlandse parlementaire geschiedenis volgt derhalve dat de levering van een gedeeltelijk gesloopt gebouw de levering van een onbebouwd terrein kan zijn en dat dit het geval is wanneer de sloop zo ver is gevorderd dat de restanten van het oude gebouw niet meer als een (niet: het oorspronkelijke!) gebouw te gebruiken zijn.4
De Hoge Raad heeft in het ‘Voorgevel-arrest’ geoordeeld dat sprake is van de levering van onbebouwde grond indien na de sloopwerkzaamheden geen bebouwing is overgebleven die de functie van een gebouw kan vervullen.5 De Hoge Raad spreekt in dit verband van ‘nagenoeg gehele sloop’. De Hoge Raad heeft in het ‘Voorgevel-arrest’ ook duidelijk gemaakt dat in het Garage-arrest6 nog wel sprake was van bebouwing die de functie van een gebouw kon vervullen (lees: een oud gebouw).7 Hieruit volgt dat de sloop in de Garage-zaak naar het oordeel van de Hoge Raad nog niet ver genoeg gevorderd was om van een onbebouwd terrein te kunnen spreken. Voor de vraag waar de grens ligt tussen een oud gebouw en een onbebouwd terrein, is het daarom van belang om de feiten in voormelde zaken voor het voetlicht te brengen.
5.8.3.2.1 Garage-arrest5.8.3.2.2 Voorgevel-arrest5.8.3.2.3 Criterium ‘bebouwing die de functie van een gebouw kan vervullen’ richtlijnconform?