Einde inhoudsopgave
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/4.5.3.3
4.5.3.3 Vorm en inhoud van het IVB
mr. F.J. Blees, datum 29-04-2010
- Datum
29-04-2010
- Auteur
mr. F.J. Blees
- JCDI
JCDI:ADS398366:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Aanbeveling van de Commissie van 6 februari 1974 aan de Lid-Staten betreffende de toepassing van de richtlijn van de Raad van 24 april 1972 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering tegen deze aansprakelijkheid (Aanbeveling 74/165/EEG, Pb. 1974, L 087/12).
Zie voor het rechtskarakter van het IVB meer uitgebreid par. 4.5.5 en in het bijzonder par. 4.5.52 onder c, d en e.
a. Algemeen
Onder de term 'inhoud van het IVB' valt een scala aan verschillende aspecten van de uiterlijke verschijningsvorm en van de gegevens die het moet bevatten. In de eerste plaats valt eronder de uiterlijke vorm: formaat en kleur. Vervolgens de gegevens die het standaard moet bevatten en die voor alle IVB's die op gezag van een bepaald Bureau worden afgegeven identiek zullen zijn: standaardteksten, omschrijving van voertuigcodes en de balk met de in het groenekaartstelsel samenwerkende landen en op de achterzijde van de kaart de namen en de contactgegevens van de Bureaus. Ten derde moet het IVB door de verzekeraar worden voorzien van gegevens die de verzekeraar, de verzekerde en het voertuig identificeren; bovendien moet de kaart aangeven in welke landen hij geldig is en gedurende welke periode. Het model van het IVB is als bijlage 6 bij dit boek opgenomen.
b. Uiterlijke verschijningsvorm
De UNECE bepaalt, op voorstel van de Council of Bureaux, aan welke uiterlijke voorschriften het IVB moet voldoen. Een beperkt aantal varianten wordt toegestaan wat betreft het formaat (met name staand of liggend) en de indeling van de gegevens die in genummerde velden moeten worden opgenomen. Dit maakt het internationale gebruik van het document mogelijk, ook door personen die de taal waarin het IVB is opgesteld niet machtig zijn.
Met uitzondering van de 'kop' van het document, die in de officiële taal van het land van het Bureau en daarnaast in het Engels (International Motor Insurance Card) en in het Frans (Carte Internationale d'Assurance Automobile) moet zijn gesteld, is het IVB opgesteld in één enkele taal: die van het land van het Bureau op gezag waarvan het is uitgegeven.
c. Vermelding van alle aangesloten Bureaus
Op het IVB moeten alle bij het stelsel aangesloten landen worden vermeld, ook als een Bureau geen overeenkomst met het Bureau van een bepaald ander land heeft gesloten. Is dat het geval, of geeft de verzekeraar geen dekking in een bepaald land, dan dient hij de aanduiding van dat land op de door hem afgegeven kaarten door te halen.
De landen die op grond van de EU-richtlijn gezamenlijk als één territoir worden gezien (de landen van de Europese Economische Ruimte) zijn als één blok weergegeven. Het is niet mogelijk één van die landen door te halen zonder dat de kaart ook in de andere landen van de EER ongeldig wordt. Voor wat betreft Zwitserland geldt dat dit land geen deel van de EER is, maar toch niet kan worden doorgehaald zonder gevolgen voor de dekking in de andere EER-landen, omdat Zwitserland in het kader van het groenekaartstelsel optreedt voor ongevallen in Liechtenstein. IVB's geldig voor Frankrijk zijn ook geldig voor Monaco. Het Franse Bureau treedt op voor ongevallen in dat land. Hetzelfde geldt voor het Italiaanse Bureau ten aanzien van San Marino. Hierna, onder d, wordt gewezen op de geldigheid in Montenegro van groene kaarten die geldig zijn in Servië. Omgekeerd aanvaardt het Servische Bureau verantwoordelijkheid voor groene kaarten die voor Montenegrijnse voertuigen zijn afgegeven.
d. Gedeeltelijk gedekte landen
Ten aanzien van een tweetal geografische gebieden verduidelijkt de kaart of, en zo ja waar zij dekking verschaft: Cyprus, waar buiten twijfel wordt gesteld dat zij geen betrekking heeft op het Turks-Cypriotische deel van het eiland en Montenegro waar alleen dekking is als op het IVB Servië niet is doorgehaald (in welk geval het Servische Bureau ook voor Servië en Montenegro optreedt), alsmede dat de dekking alleen die gebieden in Servië betreft die bestuurd worden door de regering van Servië (en dus niet in Kosovo).
e. Bijzonderheden omtrent de dekking
Het IVB bevat voorts de ingangs- en expiratiedatum, bepaalt welk voertuig gedekt is naar merk, type en kenteken, vermeldt het polisnummer en maakt duidelijk in welke landen het IVB geldig is. Voorts bevat het NAW-gegevens van de verzekerde alsmede, vanzelfsprekend, van de verzekeraar (waaronder een administratieve code waarmee de verzekeraar kan worden geïdentificeerd). Het wordt ondertekend door de verzekeraar. Op de achterzijde zijn contactgegevens van alle in het groene-kaartstelsel samenwerkende Bureaus vermeld. De standaardindeling maakt het, zoals reeds opgemerkt, mogelijk het document internationaal te gebruiken, ook als het in een vreemde taal is opgemaakt.
Bij een aantal van deze gegevens vallen enige opmerkingen te plaatsen.
f. Minimale geldigheidsduur
Art. 7.4 van de Internal Regulations bepaalt dat het IVB geacht wordt minimaal vijftien dagen geldig te zijn. Als een verzekeraar een IVB voor een kortere duur afgeeft, garandeert het Bureau waarvan hij lid is desondanks de verplichtingen van de verzekeraar voor de duur van vijftien dagen te rekenen vanaf de ingangsdatum van de geldigheid van de kaart.
Daarmee beoogt de Council te bereiken dat tenminste van een reële duur van de dekking sprake is. Bedacht moet worden dat een IVB een grensdocument is: als het aan de grens wordt gecontroleerd en op die datum geldig is, mag de bezoeker de grens passeren. Zou het onmiddellijk daarna verlopen, dan zal in geval van een ongeval de schade ten laste van het waarborgfonds van het bezochte land komen.
Zie in dit verband ook Aanbeveling 74/165/EEG waarin de Commissie in het licht van de uiteenlopende gedragslijn in de lidstaten op het gebied van de geldigheidsduur van groene kaarten, aan de lidstaten aanbeveelt "erop toe te zien dat de overeenkomsten tot verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid van motorrijtuigen, in de vorm van grensverzekering, (...) een geldigheidsduur hebben van ten minste 15 dagen."1 Hoewel deze aanbeveling alleen ziet op de geldigheidsduur van grensverzekeringspolissen, is de ratio dezelfde: voorkomen dat de dekking verlopen is op het moment waarom het gaat, de datum van het ongeval. De Nederlandse wetgever heeft geen aanleiding gezien om de aanbeveling om te zetten in een wettelijke verplichting.
Of de bepaling omtrent de minimumgeldigheidsduur van vijftien dagen dit probleem oplost, is maar zeer de vraag. De termijn van vijftien dagen wordt gerekend van de datum van ingang van de geldigheid van het IVB, niet vanaf die van passeren van de grens. Bovendien kan een duur van vijftien dagen op zichzelf al niet bijzonder ruim worden genoemd. IVB's die zijn verlopen op de datum van ongeval, komen dan ook nog steeds voor.
g. Geen maximale geldigheidsduur
Een maximum geldigheidsduur van het IVB is niet voorgeschreven. Met name is er geen koppeling met de duur van de dekking onder de polis.
Dat kan daardoor worden verklaard dat het IVB geen verzekeringsbewijs is, doch (slechts) een document dat de waarborg belichaamt dat een verzekeraar (door tussenkomst van 'regelend' en 'garanderend' Bureau) de schade aan de benadeelde zal vergoeden.2 Die garantie staat los van een eventuele onderliggende verzekeringsdekking. Daarom hebben de opstellers van de Internal Regulations gemeend dat er vanuit het oogpunt van het groenekaartstelsel weinig op tegen is dat een verzekeraar IVB's afgeeft met een langere geldigheidsduur dan die overeenkomt met de periode waarvoor hij dekking geeft of premie heeft ontvangen.
In de eerste versies van de Uniform Agreement was bepaald dat het IVB niet voor een langere periode geldig mocht zijn dan waarvoor de verzekeraar dekking verleende, een principe dat voortvloeide uit de (onjuiste) gedachte dat het IVB een verzekeringsbewijs is. De theorie kwam al snel op gespannen voet met de praktijk te staan.
Nederlandse verzekeraars plegen standaard groene kaarten af te geven met een geldigheid van dertien maanden, waarmee zij als het ware een overgangstermijn aan hun verzekerden verschaffen die voorkomt dat zij aan het begin van de nieuwe verzekeringsperiode korte tijd niet over een geldig IVB beschikken. Ook als de verzekerde de premie per kwartaal of zelfs per maand betaalt, ontvangt hij een IVB voor dertien maanden.
In Zwitserland is het gebruikelijk IVB's voor een periode van drie jaar af te geven. Kostenbesparing is hiervoor het motief en de Zwitserse verzekeraars rekenen er daarbij kennelijk op dat hun verzekerden hen gedurende die periode trouw zullen blijven. In elk geval nemen zij het risico voor lief, dat de dekking onder polis om welke reden dan ook tussentijds eindigt en de verzekeringnemer nalaat de groene kaart in te leveren.
h. Wijzigingen in het model van de groene kaart
Het model van het IVB en de te vermelden gegevens ondergaan met een zekere regelmaat veranderingen: nieuwe landen treden toe, soms wordt de tekst op het document aangepast en - laatstelijk per 1 januari 2009 - wordt het model als zodanig veranderd. De vraag is binnen welk tijdsbestek het Bureau en de verzekeraars het nieuwe model dienen te hanteren.
Aan de ene kant is de duidelijkheid zowel voor verzekerden als voor de grensautoriteiten en politiefunctionarissen ermee gediend dat de verzekeraar zo snel mogelijk overstapt op het nieuwe model. Anderzijds zou het tot onpraktische gevolgen leiden als het 'oude' model onmiddellijk ongeldig zou worden. Het zou voor verzekeraars hoge kosten meebrengen als zij hun verzekerden telkens onmiddellijk van nieuwe IVB's zouden moeten voorzien. Ook zou het op voorraad houden van 'blanco' groene kaarten - uit kostenoverwegingen ook een praktische wens van verzekeraars - ontmoedigd worden.
De Council staat een 'overgangstermijn' van twee jaar toe waarbinnen IVB's volgens het 'oude' model op zich hun geldigheid behouden. Gedurende die periode mogen verzekeraars nog kaarten volgens het oude model afgeven. Deze zijn dan echter niet geldig in eventueel nieuw toegetreden, maar nog niet op dat IVB vermelde landen, zodat de verzekerde die een dergelijk land wil bezoeken een nieuw IVB dient aan te vragen. Kaarten volgens het oude model die voor een periode langer dan een jaar zijn afgegeven en die expireren na de hiervoor genoemde overgangstermijn van twee jaar, behouden op zich ook hun geldigheid. Na afloop van de termijn van twee jaar afgegeven kaarten volgens het oude model zijn echter niet geldig en behoeven door de grensautoriteiten dus niet te worden geaccepteerd, noch door de Bureaus gegarandeerd.