Sturen met proceskosten
Einde inhoudsopgave
Sturen met proceskosten (BPP nr. XII) 2011/6.6.0:6.6.0 Introductie
Sturen met proceskosten (BPP nr. XII) 2011/6.6.0
6.6.0 Introductie
Documentgegevens:
mr. P. Sluijter, datum 31-10-2011
- Datum
31-10-2011
- Auteur
mr. P. Sluijter
- JCDI
JCDI:ADS593224:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Jackson 2009, p. 555-565. Zo ook landenrapport (Oxford; academic; Hess & Huebner) Duitsland, p. 3.
Landenrapport (Washington) Duitsland, p. 5, eveneens geschreven door Hess & Huebner. Vreemd genoeg noemen zij de uitzonderingen niet in het Oxfordse rapport en wel in het Washingtonse rapport.
Breyer 2006, p. 237.
Zie ook § 6.6.5.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Uit het interimrapport van Jackson lijkt naar voren te komen dat Duitsland de 'verliezer betaalt'-regel tot in het extreme heeft doorgetrokken.1 De winnaar krijgt altijd zijn volledige kosten vergoed en de rechter heeft geen discretionaire ruimte om anders te beslissen. Voor het onderhavige onderzoek is een dergelijke ' nulprikkel' interessant om te beschouwen. In Nederland zijn rechters erg terughoudend met het toepassen van hun huidige arsenaal aan kostensancties, dus ligt het al snel voor de hand om alleen te kijken naar andere rechtssystemen waar rechters verschillende soorten sancties wellicht actiever toepassen. Toch zou dat een eenzijdig beeld opleveren, want ook het complete tegenbeeld is een reëel alternatief: gedrag nooit meewegen in de kostenveroordeling.
Het rapport voor het Washingtonse congres2 en een nadere bestudering van de achterliggende wetgeving nuanceren echter het beeld dat kostenconsequenties in Duitsland geheel niet mogelijk zouden zijn, al is de ruimte inderdaad klein. Met name de partij die de zaak toch al heeft verloren en in de kosten wordt veroordeeld, die meestal fors zijn, kan daar bovenop geen verdere kostenconsequenties op grond van gedrag ondervinden.3 Ook al vallen het Duitse systeem en de 'nulprikkel' bij nader inzien niet volledig samen, toch komt Duitsland wel het dichtst bij een systeem zonder kostenprikkels en bieden de rigide tariefschalen inspiratie om een scherper beeld te krijgen van hoe een systeem zonder kostenconsequenties ten aanzien van gedrag er uit zou kunnen zien. Daarom is er voor gekozen om de navolgende bespreking van het Duitse systeem te handhaven, maar uiteindelijk wel een echte 'nuloptie' als alternatief te gaan toetsen in hoofdstuk 8.4
Eerst worden kort het algemene Duitse systeem en de griffierechten besproken. Daarna volgen de regels voor contracten tussen advocaat en eigen cliënt. Vervolgens komt de Duitse kostenveroordeling aan bod, met daarbij de mogelijkheden om kostenconsequenties met betrekking tot gedrag op te leggen. Ten slotte wordt geëvalueerd in hoeverre het Duitse systeem daadwerkelijk kan worden gezien als een ' nulprikkel' .