Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/2.4.4:2.4.4 Mobiliteit van vennootschappen in de Europese Unie
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/2.4.4
2.4.4 Mobiliteit van vennootschappen in de Europese Unie
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS396734:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Grundmann, S. (2007), 'European Company Law; Organization, Finance and Capital Markets', Antwerpen — Oxford: Intersentia, blz. 8.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Net als in de Verenigde Staten is ook in Europa de mobiliteit van ondernemingen tweeledig. Voor de vrijheid van vestiging van vennootschappen is het cruciaal dat zij zich (1) op eenvoudige wijze in elke lidstaat naar wens kunnen incorporeren indien het een nieuwe vennootschap betreft, of (2) zich kunnen herincorporeren indien het gaat om een bestaande vennootschap. Deze mobiliteit en daarmee de vrijheid, is gewaarborgd indien de keuze van (her) incorporatie in een specifieke lidstaat het toepasselijke recht op de vennootschap bepaalt en deze keuze kan worden gemaakt onafhankelijk van de plaats waar de activiteiten worden uitgevoerd. Het Europese vennootschapsrecht biedt geen regel die het conflictenrecht voor vennootschappen harmoniseert.
De vraag welk nationaal vennootschapsrecht op de kapitaalvennootschappen en de personenvennootschappen uit de Europese lidstaten van toepassing is, wordt daarom bepaald door nationale conflictenregels of door algemene principes afgeleid van het Europese recht. Ook de fundamentele vrijheden bevatten antwoorden op de vraag welk recht uiteindelijk van toepassing is, in de vorm van de verplichting om ander statelijk recht te erkennen of omdat een nationale regel van conflictenrecht buiten toepassing wordt verklaard.1 Eerst besteed ik aandacht aan de nationale conflictenregels en de daaraan ten grondslagliggende theorieën die door de diverse lidstaten worden aangehangen, waarna ik inga op de uitspraken van het Europese Hof over de vrijheid van vestiging van vennootschappen en de gevolgen daarvan voor de mobiliteit van vennootschappen binnen de Europese Unie.