Fiscaal overgangsbeleid
Einde inhoudsopgave
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/5.2.4.4:5.2.4.4 Compensatietheorie
Fiscaal overgangsbeleid (FM nr. 131) 2009/5.2.4.4
5.2.4.4 Compensatietheorie
Documentgegevens:
dr. M. Schuver-Bravenboer, datum 01-02-2009
- Datum
01-02-2009
- Auteur
dr. M. Schuver-Bravenboer
- JCDI
JCDI:ADS412595:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Staatsrecht / Wetgeving
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie ook P. Kavelaars, zoals geciteerd in De Greef 2000, p. 823.
Vgl. Lievaart 1979a, p. 591.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Als een wetswijziging deel uitmaakt van een herzieningsoperatie waarin verschillende wetswijzigingen met elkaar samenhangen, rijst de vraag of per wetswijziging moet worden beoordeeld of er sprake is van schade of dat op het niveau van de herzieningsoperatie moet worden bekeken of belastingplichtigen per saldo nadeel ondervinden. Een beoordeling op het niveau van de herzieningsoperatie is goed mogelijk als een grondslagverbredende maatregel, zoals bijvoorbeeld de beperking van de hypotheekrenteaftrek, gepaard gaat met een verlaging van het belastingtarief. Zo kon de wetgever stellen dat belastingplichtigen van de hiervoor besproken aanpassing van de 35%-regeling (par. 5.2.2.1) in het algemeen geen nadeel zouden ondervinden, wegens de daarbij behorende tariefsverlaging.1
De gedachte dat geen sprake is van schade voor zover de nadelen kunnen worden gecompenseerd met voordelen, is ook wel aangeduid als de compensatietheorie.2 De compensatietheorie dient naar mijn mening slechts te worden toegepast als tegenover belastende maatregelen begunstigende maatregelen staan die op alle belastingplichtigen die nadeel ondervinden van de belastende maatregel van toepassing zijn én die belastingplichtigen (nagenoeg) volledig compenseren voor het nadeel dat zij van de wetswijziging ondervinden. Bij een belastende maatregel in de sfeer van de inkomstenbelasting kan dan worden gedacht aan een tariefsverlaging of een verhoging van de algemene heffingskorting. Indien de begunstigende wetswijziging juist ten goede komt aan de belastingplichtigen die geen nadeel ondervinden van de wetswijziging, kan de compensatietheorie naar mijn mening geen toepassing vinden.3 Compensatie tussen belastingplichtigen onderling doet geen recht aan het beginsel dat gerechtvaardigde verwachtingen geëerbiedigd moeten worden.