Uitkoop van minderheidsaandeelhouders
Einde inhoudsopgave
Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (VDHI nr. 125) 2014/6.2.3.c:6.2.3.c De toepassing van het uitkooprecht voor de certificaathouder
Uitkoop van minderheidsaandeelhouders (VDHI nr. 125) 2014/6.2.3.c
6.2.3.c De toepassing van het uitkooprecht voor de certificaathouder
Documentgegevens:
mr. T. Salemink, datum 01-07-2014
- Datum
01-07-2014
- Auteur
mr. T. Salemink
- JCDI
JCDI:ADS594199:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Evenzo Kuijpers (2009), p. 420.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De gelijkstelling van certificaathouders met aandeelhouders in art. 2:359a lid 2 BW is niet volledig doordacht.1
Een certificaathouder kan een vordering op grond van de bijzondere uitkoopregeling ex art. 2:359c BW alleen per soort aandeel instellen (§ 6.5). De certificaten kwalificeren in dit kader als dezelfde soort als het aandeel waarvoor zij zijn uitgegeven (§ 6.5.3). Dit leidt, met name indien niet alle aandelen gecertificeerd zijn, tot enkele dogmatische eigenaardigheden.
De vraag is allereerst of een certificaathouder ook aandeelhouders kan uitkopen (hierna onder i). Daarnaast lijkt de wetgever niet bedacht te zijn geweest op de gevolgen van decertificering. Het omwisselen van de certificaten voor aandelen door een gedaagde gedurende of na afloop van de procedure leidt tot problemen (hierna onder ii en § 7.3.3 sub c). Voorts is het niet duidelijk hoe de gelijkstelling van art. 2:359a lid 2 BW zich verhoudt tot met certificaathouders vergelijkbare (buitenlandse) partijen (hierna onder iii en § 7.3.2 sub d). Tot slot rijzen er vragen bij de ontvankelijkheid van de certificaathouder met betrekking tot het kapitaal- en stemrechtvereiste (§ 6.3.4 en 6.4.4).
De wetgever moet naar mijn mening, gelet op het ontbreken van de meerwaarde van het uitkooprecht voor certificaathouders en de bovengenoemde onduidelijkheden, de gelijkstelling in art. 2:359a lid 2 BW heroverwegen.
6.2.3.c.i Is de uitkoop van certificaathouders én aandeelhouders mogelijk?6.2.3.c.ii De gevolgen van decertificering6.2.3.c.iii De positie van de met certificaathouders vergelijkbare (buitenlandse) partijen6.2.3.c.iv De positie van de vruchtgebruiker en de pandhouder