Einde inhoudsopgave
RvdW 2018/689
Beklag, beslag. Ingeval de rechter beoordeelt of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, dient hij in aanmerking te nemen dat het strafvorderlijk belang niet beperkt is tot het Nederlandse strafvorderlijke belang. Rb. heeft dit miskend. Volgt vernietiging.
HR 29-05-2018, ECLI:NL:HR:2018:785
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
29 mei 2018
- Magistraten
Mrs. W.A.M. van Schendel, Y. Buruma, J.C.A.M. Claassens
- Zaaknummer
17/05129 B
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:785, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 29‑05‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:297, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑04‑2018
Essentie
Beklag, beslag. Ingeval de rechter beoordeelt of het belang van strafvordering het voortduren van het beslag vordert, dient hij in aanmerking te nemen dat het strafvorderlijk belang niet beperkt is tot het Nederlandse strafvorderlijke belang. Rb. heeft dit miskend. Volgt vernietiging.
Partij(en)
29 mei 2018
Strafkamer
nr. S 17/05129 B
LBS/SK
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 14 september 2017, nummer RK 17/427, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager] , geboren te [geboorteplaats] ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.