De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen
Einde inhoudsopgave
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/6.3.2.4:6.3.2.4 Weigering op materiële gronden
De agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen (VDHI nr. 176) 2022/6.3.2.4
6.3.2.4 Weigering op materiële gronden
Documentgegevens:
mr. E.J. Breukink, datum 15-04-2022
- Datum
15-04-2022
- Auteur
mr. E.J. Breukink
- JCDI
JCDI:ADS649616:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Van de formele gronden voor weigering moeten worden onderscheiden de materiële gronden voor weigering. De enige materiële gronden voor weigering zijn de vennootschapsrechtelijke redelijkheid en billijkheid (art. 2:8 lid 2 BW), zie par. 6.3.2.4.b en misbruik van recht (art. 3:13 BW), zie par. 6.3.2.4.c. Voor de BV waarop art. 2:224a BW van toepassing is, geldt voorts nog het zwaarwichtig belang als weigeringsgrond, zie par. 6.3.2.4.a. De behandeling van een onderwerp kan niet worden geweigerd op de grond dat het vennootschappelijk belang zich daartegen verzet, zie par. 6.3.2.4.d. Van de bij beursgenoteerde vennootschappen ingediende agenderingsverzoeken is er één (inhoudende acht agendapunten) op materiële gronden geweigerd. Het betreft het in 2021 door Business Holding BV bij Novisource ingediende agenderingsverzoek. Zie over specifiek deze weigering par. 6.2.2.19.
6.3.2.4.a Het zwaarwichtig belang6.3.2.4.b De redelijkheid en billijkheid6.3.2.4.c Misbruik van agenderingsrecht6.3.2.4.d Weigering op grond van het vennootschappelijk belang?