Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/594
Wvggz. Verzoekschriftprocedure na beslissing klachtencommissie (art. 10:7 Wvggz); eerbiediging beslissingen klachtencommissie waarover partijen ondubbelzinnig geen beslissing rechter verlangen. Afdoening door rechter op voet art. 10:10 Wvggz.
HR 07-06-2024, ECLI:NL:HR:2024:825
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 juni 2024
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, S.J. Schaafsma, K. Teuben
- Zaaknummer
24/00299
- Conclusie
A-G mr. B.J. Drijber
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
Gezondheidsrecht / Klacht- en tuchtrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:825, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑06‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:322, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑03‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 30‑01‑2024
- Wetingang
Essentie
Wvggz. Verzoekschriftprocedure na beslissing klachtencommissie (art. 10:7 Wvggz); eerbiediging beslissingen klachtencommissie waarover partijen ondubbelzinnig geen beslissing rechter verlangen. Afdoening door rechter op voet art. 10:10 Wvggz.
Samenvatting
Een verzoekschrift op grond van art. 10:7 lid 1 Wvggz strekt tot het verkrijgen van een beslissing van de rechter over de klacht die de betrokkene op de voet van art. 10:3 Wvggz heeft ingediend. De rechter is bij zijn beoordeling van het verzoek in beginsel niet gebonden aan de beslissing van de klachtencommissie. Dit is anders indien partijen ondubbelzinnig te kennen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.