Einde inhoudsopgave
De (bijzondere) positie van onteigenings- en nadeelcompensatiedeskundigen (SteR nr. 58) 2023/1.7.3
1.7.3 Planschade
S. Schuite, datum 10-04-2023
- Datum
10-04-2023
- Auteur
S. Schuite
- JCDI
JCDI:ADS702003:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Voetnoten
Voetnoten
Dat komt doordat het vereiste van de speciale last geen rol speelt in een planschadebeoordeling (daarover uitgebreid: Huijts 2020, p. 333-336; Van den Broek & Tjepkema 2015, § 1.2.2). Een ander verschil is dat nadeelcompensatie gestoeld op het égalité-beginsel niet is beperkt tot een bepaalde ‘groep’ schadeveroorzakende handelingen of besluiten, terwijl een planschadevergoeding enkel aan de orde kan zijn indien zich een van de in art. 6.1 lid 2 limitatief opgesomde schadeoorzaken voordoet. Ook de Afdeling bestuursrechtspraak heeft meermaals overwogen dat een planschadevergoeding een andere beoordeling vergt dan nadeelcompensatie gestoeld op het égalité-beginsel (zie bijvoorbeeld: ABRvS 17 augustus 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AU1131 en de rechtspraakverwijzingen aldaar).
Huijts 2020, § 2.3.1; Tjepkema 2010, p. 481; Schlössels, Schutgens & Zijlstra 2019 (2), nr. 1080.
Zie meer uitvoerig over de materiële en procedurele uitgangspunten van planschade § 2.3.3.
Ondanks dat de tegemoetkoming in planschade dogmatisch eigenlijk niet geheel op een lijn te stellen is met de nadeelcompensatie gestoeld op het égalité-beginsel (en ook een ander soort beoordeling vergt),1 wordt de planschadevergoeding in de literatuur wel als ‘soort’ nadeelcompensatie gerubriceerd.2 Aangezien dit boek niet de plaats is voor een uitgebreide beschouwing daaromtrent, volg ik die rubricering. Zodoende is de tegemoetkoming in planschade de in de praktijk meest bekende en toegepaste vorm van nadeelcompensatie.3
De planschadevergoeding is een wettelijk geregelde vorm van nadeelcompensatie (afd. 6.1 Wro). Planschade is de schade die een benadeelde lijdt als gevolg van een van de in art. 6.1 lid 2 Wro limitatief opgesomde schadeoorzaken. Dat zijn allemaal schadeoorzaken in de sfeer van een (juridische) verandering van de fysieke leefomgeving. Dikwijls zal de wijziging van een bestemmingsplan de relevante schadeoorzaak zijn (art. 6.1 lid 2 onder a Wro). De procedure voor de aanvraag en behandeling van planschade is vrij uitvoerig neergelegd in afdeling 6.1 Wro en afdeling 6.1 Bro.4
Onder de vigeur van de Omgevingswet wordt de planschadevergoeding – straks afd. 15.1 Omgevingswet – verder in lijn gebracht met het algemene nadeelcompensatieregime uit titel 4.5 Awb. Niet alleen heet planschade voortaan ‘gewoon’ nadeelcompensatie, ook de procedure voor de aanvraag en behandeling wordt gelijkgetrokken. Een belangrijk onderscheid dat resteert, is dat ook afd. 15.1 Omgevingswet zal uitgaan van een limitatieve en exclusieve lijst van schadeoorzaken. Dat wil zeggen dat uitsluitend (omgevingsrechtelijke) nadeelcompensatie kan worden vergoed wanneer de schade zich manifesteert door middel van een schadeoorzaak als opgesomd in art. 15.1 lid 1 Omgevingswet.