Niet-betaling in de btw
Einde inhoudsopgave
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/1.2.2:1.2.2 Btw-correcties bij niet-betaling
Niet-betaling in de btw (FM nr. 152) 2018/1.2.2
1.2.2 Btw-correcties bij niet-betaling
Documentgegevens:
dr. mr. B.G.A. Heijnen, datum 01-03-2018
- Datum
01-03-2018
- Auteur
dr. mr. B.G.A. Heijnen
- JCDI
JCDI:ADS492943:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Omzetbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Al kunnen lidstaten van deze uitgangspunten afwijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wanneer een factuur niet wordt betaald voorziet het btw-systeem op Europees- en nationaalrechtelijk niveau in de inwerkingtreding van een aantal correctiemechanismen. In de eerste plaats zorgt niet-betaling ervoor dat ingevolge art. 90 Btw-richtlijn de maatstaf van heffing aan de zijde van de leverancier wordt verlaagd. In de tweede plaats bepaalt art. 185 Btw-richtlijn dat bij de afnemer de aftrek wordt herzien.1 Daarmee vormen de correcties als het ware elkaars spiegelbeeld.
In Nederland zijn de correctiemechanismen sinds jaar en dag neergelegd in art. 29 Wet OB 1968, welke bepaling laatstelijk (ingrijpend) is gewijzigd per 1 januari 2017. Overeenkomstig art. 90 Btw-richtlijn wordt de maatstaf van heffing in geval van niet-betaling op grond van art. 29 lid 1 en 2 Wet OB 1968 verlaagd en komt de leverancier in zoverre recht op teruggaaf toe van door hem voldane btw. De niet-betalende afnemer dient op zijn beurt de eerder door hem in aftrek gebrachte btw op grond van art. 29 lid 7 Wet OB 1968 (conform art. 185 Btw-richtlijn) op aangifte te voldoen.