Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/5.8:5.8 Vergelijking tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/5.8
5.8 Vergelijking tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS399137:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Alhoewel de LLP zowel in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk bestaat, verschillen zij wezenlijk van elkaar. De Amerikaanse LLP is een subvorm van de personenvennootschap, de Britse LLP is een hybride rechtsvorm. In feite lijkt de Britse LLP meer op een Amerikaanse LLC dan op een Amerikaanse LLP. Dit komt doordat de meeste bepalingen die van toepassing zijn op de Britse LLP een bewerking zijn van, of verwijzingen zijn naar, het kapitaalvennootschapsrecht. De Britse LLP lijkt wat moeilijk te passen in het personenvennootschapsrecht.1 In de LLPA is expliciet vermeld dat het personenvennootschapsrecht niet van toepassing is op de LLP, tenzij anders is bepaald. Deze uitzondering geldt voor de invulling van de interne structuur als de partijen hierover niets of niet voldoende hebben afgesproken. Bij de Amerikaanse LLP kan men dan terug vallen op alle bepalingen uit het personenvennootschapsrecht, bij de Britse LLP zijn enkele bepalingen van toepassing verklaard. De regels in de Verenigde Staten maken het verder makkelijker en minder kostbaar om een kleine vennootschap met beperkte aansprakelijkheid op te zetten. In het Verenigd Koninkrijk, brengt beperkte aansprakelijkheid grotere kosten met zich mee.2 Dit komt onder andere doordat er in het Verenigd Koninkrijk geen modelovereenkomst voorhanden is, die wel wordt aangeboden in de Verenigde Staten.
De beperking van de aansprakelijkheid van vennoten/deelnemers wordt ook op verschillende wijzen in de wetgeving opgenomen. In hoofdstuk 4 kwam naar voren dat er tussen de staten in de Verenigde Staten verschillen bestaan in de reikwijdte van de bescherming. Over het algemeen wordt echter expliciet in de wetgeving opgenomen dat vennoten aansprakelijk zijn voor hun eigen (beroeps)fouten en in beginsel niet voor die van medevennoten. Hierbij wordt door sommige statelijke regelingen expliciet opgenomen dat vennoten wel aansprakelijk zijn voor de fouten gemaakt door personen die onder hun (directe) toezicht of supervisie staan. Daarnaast is vaak bepaald dat vennoten niet indirect aansprakelijk zijn voor (beroeps)fouten van medevennoten op grond van onrechtmatige daad of wanprestatie door bijvoorbeeld bij te dragen aan de verliezen van de LLP. In de LLPA is dit alles allemaal erg vaag gelaten en wordt de invulling overgelaten aan de rechterlijke instanties. Dit kan tot grote onzekerheid en hoge proceskosten leiden. De rechtspersoonlijkheid van de LLP zorgt ervoor dat de deelnemer zich in beginsel alleen druk hoeft te maken over aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad. Ook stelt de LLPA in tegenstelling tot sommige Amerikaanse LLP-regelingen geen aansprakelijkheidsverzekering verplicht, maar is dit overgelaten aan de beroepsorganisaties. Verder zijn de belastingsystemen van elkaar afwijkend, waardoor fiscale factoren in de Verenigde Staten wel, en in het Verenigd Koninkrijk in veel mindere mate ten grondslag liggen aan de keuze voor een LLP-vorm.