Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/5.11:5.11 Conclusie
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/5.11
5.11 Conclusie
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS397897:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw is er een totale herziening van het Britse vennootschapsrecht op gang gebracht. Het creëren van het beste ondernemingsklimaat van de wereld werd ten doel gesteld, waarbij de kleine vennootschap als uitgangspunt werd genomen. Het kapitaalvennootschapsrecht zou in het voordeel van deze vennootschappen worden gemoderniseerd, waardoor er voor hen grotere flexibiliteit zou ontstaan. Naast de herziening van het kapitaalvennootschapsrecht, ontwikkelde zich via een apart versneld wetgevingsproces een nieuwe hybride rechtsvorm, de limited liability partnership. De Limited Liability Partnerships Act 2000 trad in april 2001 in werking en inmiddels zijn er bijna 40.000 LLP's opgericht.
De LLP werd gecreëerd als reactie op de druk van grote accountantskantoren, die bezorgd waren over de onbeperkte aansprakelijkheid van de vennoten voor enorme juridische claims, in het bijzonder voor professionele nalatigheid. De accountants hadden de mogelijkheid om een kapitaalvennootschap op te richten, maar haalden hierdoor ook het nadeel van complexe wetgeving binnen. Ondanks de versoepelde toepassing van het kapitaalvennootschapsrecht op besloten kapitaalvennootschappen werd het als bezwarend en niet transparant ervaren. Fiscale redenen lagen in beginsel niet ten grondslag aan de vraag naar een nieuwe rechtsvorm. In omringende jurisdicties was de LLP voorhanden en de dreiging van vennootschappen om over te stappen zette de overheid aan tot de snelle ontwikkeling van de LLP. De Britse LLP is noch een personenvennootschap, noch een kapitaalvennootschap. De invulling van de vennootschap-structuur is geheel overgelaten aan de deelnemers, maar door de vele van toepassing zijnde kapitaalvennootschapsregels heeft de LLP meer karakteristieken van een kapitaalvennootschap dan van een personenvennootschap. Deze regels moesten ervoor zorgen dat een voldoende niveau van bescherming van de schuldeisers werd bereikt. Door de rechtspersoonlijkheid van de LLP wordt de contractuele aansprakelijkheid van de deelnemer beperkt, tenzij de overeenkomst met de deelnemer persoonlijk is gesloten. De beperking van de aansprakelijkheid op grond van onrechtmatige daad is bewust vaag gelaten. Er zijn geen expliciete bepalingen voor de aansprakelijkheid van deelnemers voor eigen (beroeps)fouten, voor die van personen die onder hun supervisie staan of aan welke zij bijgedragen hebben. Ook zegt de wetgeving niets over de indirecte aansprakelijkheid. De rechterlijke instanties zullen uiteindelijk hierover moeten beslissen. Dit kan leiden tot grote rechtsonzekerheid en tot hoge proceskosten. Schuldeisers van de LLP worden beschermd door enkele bepalingen over fraudulent en wrongful trading uit het kapitaalvennootschapsrecht. Daarnaast is een speciale uitkeringsregel geïntroduceerd voor de LLP die ervoor dient te zorgen dat er geen kapitaal uit de LLP wordt gesluisd, indien de financiële situatie dit niet toelaat. De LLP kan worden aangenomen voor zowel beroeps- als bedrijfsactiviteiten, waarbij er twee of meer deelnemers zijn. Dit heeft tot kritiek geleid, gericht op de geschiktheid van de LLP-vorm voor het MKB. Doordat de LLP van oorsprong niet voor deze groep vennootschappen was ontwikkeld en het kapitaalvennootschapsrecht aan grondige herziening onderhevig was werd de gewenstheid van de LLP voor deze categorie vennootschappen in twijfel getrokken. Inmiddels lijkt echter ook deze groep de LLP-vorm aan te nemen als rechtsvorm.