Einde inhoudsopgave
Splitsing in de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (FM nr. 171) 2021/5.2.5
5.2.5 Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid
Mr. dr. G.C. van der Burgt, datum 29-11-2021
- Datum
29-11-2021
- Auteur
Mr. dr. G.C. van der Burgt
- JCDI
JCDI:ADS491506:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting (V)
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 1990/91, 22 008, nrs. 1-2, p. 27-29. Zoals opgemerkt, vertoont deze kwaliteitseis gelijkenis met hoofdpunt c van de beleidsanalytische toets van de Raad van State. In het Eindrapport Verhey e.a., onderdeel 9.2.1, p. 325, wordt hier ook op ingegaan. De onderzoekers spreken voorzichtig de voorkeur uit om naleefbaarheid als afzonderlijk criterium aan te merken. Volgens mij is naleefbaarheid te rangschikken onder kwaliteitseis 4. Zoals de onderzoekers in onderdeel 6.1.2.1, p. 240, ook constateren, wordt in aanwijzing 13 van de Aanwijzingen voor de regelgeving 1992 uitdrukkelijk aandacht besteed aan de lasten voor burgers. In dezelfde zin versta ik Hoogeveen 2011, onderdeel 2.2.6, p. 64.
Opgemerkt wordt dat hierbij deskundigheid van het uitvoerend apparaat en de samenwerking tussen uitvoerende organisaties belangrijke factoren zijn.
Eindrapport Verhey e.a., onderdeel 2.3.2.4, p. 17 en onderdeel 6.1.2.1, p. 240.
Kwaliteitseis 4 is in de kern als volgt toegelicht.1 Indien wetten tot doel hebben om gedragsveranderingen bij de burgers, bedrijven, instellingen en de overheid zelf te bewerkstelligen, dan zijn de criteria uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid essentieel. Wordt daar niet aan voldaan, dan dreigt het risico dat wetten dode letters worden wat beleidsmatig en rechtsstatelijk onaanvaardbaar zal zijn. Meer concreet betekent handhaafbaarheid de mogelijkheid om naleving van wettelijke regels af te dwingen, zowel met behulp van juridische reacties op niet-naleving als met het treffen van feitelijke maatregelen.2 Als regels uitvoerbaar en handhaafbaar zijn, dan dienen de kosten die deze voor het bestuurlijk en justitieel apparaat met zich brengen, zo beperkt mogelijk te blijven. Hier is een overlap zichtbaar met het zojuist behandelde evenredigheidsbeginsel (kwaliteitseis 3). Daarnaast wordt in het Eindrapport Verhey e.a. mijns inziens terecht geconstateerd dat een nauwe samenhang bestaat tussen enerzijds uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid en anderzijds doeltreffendheid en doelmatigheid.3