Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling
Einde inhoudsopgave
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/4.6.5:4.6.5 Beschouwing en aanbeveling
Uitbesteding van werk en (on)gelijke behandeling (MSR nr. 87) 2024/4.6.5
4.6.5 Beschouwing en aanbeveling
Documentgegevens:
M.A.C. Keijzer, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
M.A.C. Keijzer
- JCDI
JCDI:ADS943604:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Hoogeveen, JAR 2019/136, p. 1506.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Het voorgaande sluit aan op wat Hoogeveen in de literatuur concludeerde ten aanzien van de toelaatbaarheid van contracting in het algemeen. Zij stelde dat contracting-constructies in de jurisprudentie ‘slechts’ toegestaan lijken te worden, wanneer uit de schriftelijke overeenkomsten en de praktische uitvoering blijkt dat een afgebakend ‘bedrijfsproces’ onder de zelfstandige verantwoordelijkheid valt van de contracting-onderneming – zijnde expert op dat gebied – en dit bedrijf tevens leiding en toezicht over de arbeidskrachten uitoefent.1
Aan te bevelen is dan ook in de wet tot uitdrukking te brengen dat het alleen is toegestaan op werknemers die uitbestede kernactiviteiten verrichten een beloningsbeleid, waaronder ook de pensioenregeling wordt begrepen, toe te passen dat afwijkt van het beleid van de opdrachtgever, indien de onderneming de uitbestede werkzaamheden al voor meerdere – bijvoorbeeld twee andere – opdrachtgevers verricht of andere, aan de uitbestede werkzaamheden gelieerde, activiteiten verrichtte voorafgaand aan de uitbesteding.