Einde inhoudsopgave
De arbeidsovereenkomst: een bewerkelijk begrip (MSR nr. 79) 2021/7.3.0
7.3.0 Inleiding
S. Said, datum 13-12-2021
- Datum
13-12-2021
- Auteur
S. Said
- JCDI
JCDI:ADS583347:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Het vrij verkeer van werknemers is uitgewerkt in Verordening EG 492/2011 betreffende het vrije verkeer van werknemers, en voor wat betreft de coördinatie van socialezekerheidsregelingen in Verordening EG 883/2004 en Verordening EG 987/2009.
Het vrij verkeer van diensten is overigens ook aan de orde in geval van grensoverschrijdende detachering van werknemers. Gezien de reikwijdte van dit onderzoek, blijft dit onderdeel in deze bespreking buiten beschouwing. Zie hierover o.a.: Houwerzijl 2021, p. 81-151.
Zie hierover uitvoerig: Heerma van Voss 2014.
Het EU-recht oefent op verschillende manieren invloed op het Nederlandse (arbeids)recht uit. Een van de hoofddoelstellingen van de EU is de instelling van een interne markt.1 Die interne markt omvat onder meer het vrij verkeer van werknemers, dat in artikel 45 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie (hierna: VWEU) wordt geduid als:
‘de afschaffing in van elke discriminatie op grond van de nationaliteit tussen de werknemers der lidstaten, wat betreft de werkgelegenheid, de beloning en de overige arbeidsvoorwaarden.’
Dit betekent onder meer dat een EU-werknemer het recht heeft om in te gaan op een aanbod tot tewerkstelling, dat hij zich vrij mag verplaatsen binnen de EU-lidstaten, en aldaar mag verblijven om een beroep uit te oefenen.2 Aan zelfstandigen komt – afhankelijk van de werkvorm – op grond van artikel 49 VWEU het recht op vrije vestiging toe, alsmede het recht op vrij verkeer van diensten als geregeld in artikel 56 VWEU.3 EU-lidstaten mogen geen belemmeringen opwerpen voor de aan zelfstandigen toekomende vrijheden. In feite betekent dit dat de kwalificatie van de arbeidsrelatie op nationaal niveau zich in dergelijke transnationale gevallen met het EU-systeem moet kunnen verdragen. Dit geldt overigens niet alleen voor de hiervoor genoemde verkeersvrijheden: de kwalificatie van de arbeidsrelatie speelt eveneens in mededingingsrechtelijke context, en is eveneens relevant voor de toepasselijkheid van verordeningen en richtlijnen die de regulering van arbeidsverhoudingen op nationaal niveau beïnvloeden.4
Hierna wordt verkend op welke wijze het Unierechtelijke werknemersbegrip in de EU-rechtspraak tot ontwikkeling is gekomen (paragraaf 7.3.1). In die paragraaf wordt in het bijzonder – bij wijze van ‘intermezzo’ – stilgestaan bij dit werknemersbegrip in het licht van het mededingingsrecht (paragraaf 7.3.1.1), mede met het oog op de (Nederlandse) Leidraad Tariefafspraken zzp’ers, die op basis van het EU-rechtelijke kader tot stand is gekomen, enwaaruit mogelijk inzichten kunnen worden ontleend die voor dit onderzoek relevant kunnen zijn. Hierna wordt het EU-rechtelijke werknemersbegrip besproken in het licht van een aantal richtlijnen (paragraaf 7.3.2). Afsluitend volgt een (samenvattende) beschouwing (paragraaf 7.3.3).