Verlofstelsels in strafzaken
Einde inhoudsopgave
Verlofstelsels in strafzaken (SteR nr. 37) 2018/3.10.b:3.10.b Betekenis leave to appeal
Verlofstelsels in strafzaken (SteR nr. 37) 2018/3.10.b
3.10.b Betekenis leave to appeal
Documentgegevens:
mr. G. Pesselse, datum 01-12-2017
- Datum
01-12-2017
- Auteur
mr. G. Pesselse
- JCDI
JCDI:ADS611942:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Stavros 1993, p. 272.
Stavros 1993, p. 272.
Paragraaf 2.5b.
EHRM 2 oktober 2014, nr. 15319/09 (Hansen/Noorwegen)
EHRM 29 juli 2004, nr. 77562/01 (San Leonard Band Club/Malta) (civiel).
CRM 31 maart 1995, nr. 662/1995 (Lumley/Jamaica); zie verder bijv. CRM 3 april 2002, nr. 802/1998 (Rogerson/Australië); CRM 8 juli 2004, nr. 964/2001 (Saidova/Tajikistan).
Zie de hieronder in paragraaf 10c en 10d aangehaalde uitspraken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In zijn boek over artikel 6 EVRM merkt Stavros op dat heldere begripsmatige onderscheidingen tussen verschillende typen rechtsmiddelen “might appear fictitious”. De grote verschillen tussen de Europese landen in de organisatie van het strafproces maken het volgens Stavros moeilijk de verschillende rechtsmiddelenregelingen in enkele concepten te vatten.1 Daarom verschilt de typering van een rechtsmiddel door het EHRM van geval to geval. Toch ontwaart Stavros enkele terugkerende conceptuele onderscheidingen in de rechtspraak van het EHRM. Zo betreft het rechtsmiddel appeal toetsing aan zowel de feiten als het recht, eventueel ook daadwerkelijke herberechting van de strafzaak. Het rechtsmiddel cassation betreft in beginsel enkel de toetsing van juridische oordelen. Onder leave to appeal verstaat het EHRM volgens Stavros “a prima facie review of the merits of the appeal”.2 In de in dit boek gebruikte terminologie gaat het dan om inhoudelijke toegangsbeoordeling (gecombineerd met afgescheiden toegangsbeoordeling).3
Deze betekenis kent het EHRM volgens mij nog steeds toe aan de term leave to appeal, maar eenduidig is dit allerminst. In sommige uitspraken beschouwt het EHRM namelijk inhoudelijke toegangsbeoordeling als leave to appeal,4 in andere uitspraken acht het dergelijke beoordeling niet een vorm van maar vergelijkbaar met leave to appeal.5 In sommige uitspraken beschouwt het EHRM juist vrije toegangsbeoordeling (in combinatie met afgescheiden toegangsbeoordeling) als leave to appeal,6 in andere uitspraken vergelijkt het vrije toegangsbeoordeling enkel daarmee.7 De beslissing in de zaak Weh & Weh/Oostenrijk is in dit verband opmerkelijk, omdat het EHRM daarin zowel inhoudelijke toegangsbeoordeling bij een constitutioneel hof (lack of prospects of succes) als vrije toegangsbeoordeling bij een bestuursgerecht (no important legal problem was at stake) vergelijkt of gelijkschakelt met leave to appeal proceedings.8 Welke begrip van de term leave to appeal precies achter deze uitspraken schuilt gaat, is niet geheel duidelijk. Duidelijk is wel, dat inhoudelijke en vrije toegangsbeoordeling eronder vallen dan wel ermee worden gelijkgeschakeld.
Het CRM omschrijft leave to appeal iets algemener als “a system not allowing for automatic right to appeal”9 Overziet men de jurisprudentie over artikel 14 lid 5 IVBPR in zijn geheel, dan lijkt het CRM hiermee te bedoelen dat van verlofbeoordeling sprake is indien de beroepsrechter (voorafgaand aan de inhoudelijke behandeling van de zaak) inhoudelijke of vrije toegangsbeoordeling uitvoert.10
Het is intussen maar de vraag hoe relevant de kwalificatie leave to appeal is voor de daadwerkelijke beoordeling van klachten over toegangsbeoordeling – soms wel, soms niet, zo zal blijken. In elk geval levert de jurisprudentie over de aanvaardbaarheid van leave to appeal proceedings vaak pas na een zekere omzetting conclusies op voor vrije, inhoudelijke en afgescheiden toegangsbeoordeling. De betekenissen van deze termen komen immers niet naadloos overeen. Dit betekent andersom ook dat in uitspraken waarin de woorden “leave to appeal” niet worden gebruikt, toch van een verlofstelsel in termen van dit boek sprake kan zijn. Bij de analyse van de jurisprudentie van het EHRM en CRM hieronder, is getracht met de complicatie rekening te houden.