Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/774
Post-Keskin. Afwijzing (voorwaardelijke) verzoek tot horen van getuigen en gebruik van verklaringen voor het bewijs. Art. 6 EVRM. Motiveringsgebrek.
HR 10-06-2025, ECLI:NL:HR:2025:778
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 juni 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, R. Kuiper
- Zaaknummer
24/01175 J
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:778, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑06‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:641, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 01‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑11‑2024
- Wetingang
Essentie
Post-Keskin. ’s Hofs afwijzing van het (voorwaardelijke) verzoek tot het horen van getuigen en het gebruik van de betwiste verklaringen van die getuigen voor het bewijs, met als oordeel dat procedure in haar geheel voldoet aan het door art. 6 EVRM gewaarborgde recht op een eerlijk proces, is ontoereikend gemotiveerd.
Samenvatting
Het cassatiemiddel klaagt onder meer dat de afwijzing door het hof van het door de verdediging gedane (voorwaardelijke) verzoek tot het horen van getuigen, althans het gebruik van de eerder door deze getuigen afgelegde verklaringen voor het bewijs, in strijd is met het door ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.