De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer
Einde inhoudsopgave
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/5.2.6.1:5.2.6.1 De kring der verzekerden volgens de Richtlijn
De weg naar schadevergoeding in het internationale gemotoriseerde verkeer (Verzekeringsrecht) 2010/5.2.6.1
5.2.6.1 De kring der verzekerden volgens de Richtlijn
Documentgegevens:
mr. F.J. Blees, datum 29-04-2010
- Datum
29-04-2010
- Auteur
mr. F.J. Blees
- JCDI
JCDI:ADS401854:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie art. 3a Wam en de art. 8:1210 e.v. BW.
Art. 58 Code suisse de la circulation routière. Zie voorts Rusconi, Responsabilité du détenteur, p. 429 e.v.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Verzekerden zijn in dit verband zij wier aansprakelijkheid moet worden gedekt. De Richtlijn laat zich niet uit over de vraag wier aansprakelijkheid dient te worden gedekt. Zij stelt in neutrale bewoordingen in art. 3 dat - onverminderd het bepaalde in art. 5 - elke lidstaat de nodige maatregelen treft, opdat
"de wettelijke aansprakelijkheid met betrekking tot de deelneming aan het verkeer van voertuigen die gewoonlijk op zijn grondgebied gestald zijn, door een verzekering is gedekt. De dekking van de schade alsmede de voorwaarden van deze verzekering worden in deze maatregelen vastgesteld."
Het is dus aan de lidstaten om te bepalen op wie de aansprakelijkheid rust. Ook als de aansprakelijkheid wordt gekanaliseerd naar bepaalde personen, zoals in de Nederlandse wetgeving is gebeurd bij het vervoer van gevaarlijke stoffen1 of in Zwitserland waar de aansprakelijkheid is gekanaliseerd naar de houder van het motorrijtuig2 , dient de aansprakelijkheid in verband met de deelneming aan het verkeer derhalve door de polis te worden gedekt, ook als deze betrokkene in het land waar het voertuig gewoonlijk gestald is niet aansprakelijk zou zijn.
Op grond van art. 13 lid 2 van de Richtlijn kan de aansprakelijkheid van degene die een voertuig heeft gestolen of door geweldpleging heeft verkregen, wel van de dekking worden uitgesloten, op voorwaarde dat de benadeelde zich tot het waarborgfonds kan wenden. Zie nader paragraaf 5.2.8.1 waar de toegelaten uitsluitingen volgens de Richtlijn worden besproken en paragraaf 5.2.8.2 voor de situatie volgens de Nederlandse Wam.