Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/4.5.1
4.5.1 Aard en inhoud van het ondervragingsrecht
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Voetnoten
Voetnoten
EHRM 20 november 1989, nr. 11454/85, NJ 1990, 245, m.nt. Alkema (Kostovski t. Nederland), § 41. Zie meest recentelijk EHRM (GK) 15 december 2011, nrs. 26766/05 en 22228/06, EHRC 2012/56, m.nt. Spronken (Al-Khawaja & Tahery t. Verenigd Koninkrijk), § 118.
EHRM (GK)15 december 2011, nrs. 26766/05 en 22228/06 (Al-Khawaja & Tahery), § 142.
Wel onder welke omstandigheden de verdediging een ondervragingsrecht toekomt.
Zie bijv. EHRM 20 november 1989, nr. 11454/85, NJ 1990, 245, m.nt. Alkema (Kostovski t. Nederland), § 41.
EHRM (GK) 15 december 2011, nrs. 26766/05 en 22228/06, EHRC 2012/56, m.nt. Spronken (Al-Khawaja & Tahery t. Verenigd Koninkrijk), § 127.
EHRM 10 juli 2012, nr. 29353/06, EHRC 2012/179, m.nt. Spronken, NJ 2012, 649 m.nt. Schalken (Vidgen t. Nederland).
Vgl. De Wilde 2009, p. 507.
EHRM 26 maart 1996, nr. 20524/92, NJ 1996/741, m.nt. Knigge (Doorson t. Nederland), § 70 en EHRM 18 maart 1997, nrs. 21363/93, 21364/93 en 22056/93, NJ 1997, 635, m.nt. Knigge (Van Mechelen e.a. t. Nederland), § 50.
EHRM (GK) 15 december 2011, nrs. 26766/05 en 22228/06, EHRC 2012/56, m.nt. Spronken (Al-Khawaja & Tahery t. Verenigd Koninkrijk).
Artikel 6 lid 3 sub d EVRM is gebaseerd op het principe dat al het bewijsmateriaal moet worden geproduceerd op een openbare terechtzitting in het bijzijn van de verdachte alvorens hij op basis hiervan kan worden veroordeeld. In de bewoordingen van het EHRM: ‘Article 6 § 3(d) enshrines the principle that, before an accused can be convicted, all evidence against him must normally be produced in his presence at a public hearing with a view to adversarial argument.’1 Dit uitgangspunt maakt deel uit van de vaste jurisprudentie van het EHRM. Voor de eerlijkheid van de procedure is van belang dat de verdachte in staat wordt gesteld om het tegen hem verzamelde bewijsmateriaal aan te vechten of te betwisten door middel van het ondervragen van voor hem belastende getuigen.
De ratio van het uitoefenen van het ondervragingsrecht zoals neergelegd in artikel 6 lid 3 sub d EVRM is tweeledig. Enerzijds is dit gelegen in de waarheidsvinding en de gevaren die kleven aan het toelaten van getuigenverklaringen die niet zijn getoetst door de uitoefening van het ondervragingsrecht. Anderzijds ligt het in het recht van de verdediging om zich te kunnen verdedigen tegen de aantijgingen en aldus effectief te participeren in het strafproces. Het uitoefenen van het ondervragingsrecht is evenwel geen doel op zich, maar staat primair ten dienste van het toetsen en betwisten van de betrouwbaarheid (reliability) van belastende verklaringen, ook in die gevallen waarin de verklaring op het eerste gezicht krachtig en betrouwbaar lijkt.2 Dit stelt vervolgens de feitenrechter in staat om een weloverwogen afweging (informed decision) te maken met betrekking tot het gewicht dat aan de verklaring moet worden toegekend.
Uit de jurisprudentie van het Hof kan worden afgeleid onder welke omstandigheden de verdediging een ondervragingsrecht toekomt. Er valt echter niet met zoveel woorden terug te lezen wat het ondervragingsrecht precies inhoudt.3 Een antwoord op deze vraag is evenwel noodzakelijk om te kunnen vaststellen wanneer aan dit ondervragingsrecht afbreuk wordt gedaan en compenserende waarborgen op zijn plaats zijn. Wat betreft de omstandigheden moet in ieder geval sprake zijn geweest van een adequate and proper opportunity tot het stellen van vragen aan de getuige en het betwisten van diens verklaringen.4 De omvang van het ondervragingsrecht kan mede worden afgeleid uit datgene wat het Hof als beperking kwalificeert. Daarbij gaat het onder meer om het beletten van het stellen van bepaalde vragen aan getuigen en het niet rechtstreeks kunnen stellen van vragen. Ook het horen van getuigen onder een vermomming wordt als beperking aangemerkt. Voor het onbelemmerd uitoefenen van het ondervragingsrecht is immers van belang dat de verdachte de identiteit van de getuige kent, zodat hij ook de mogelijkheid heeft de rechtschapenheid en geloofwaardigheid van de getuige zelfstandig te schatten en het door hem geleverde bewijs te toetsen.5 Onderdeel van het ondervragingsrecht is tevens dat de verdediging antwoord krijgt op de gestelde vragen. Verschijnt de getuige wel, maar weigert deze te verklaren met een beroep op zijn verschoningsrecht, dan is sprake van een beperking op het ondervragingsrecht van verdachte.6 Uit het voorgaande kan a contrario worden afgeleid dat het ondervragingsrecht in volle omvang inhoudt dat de verdachte of zijn raadsman de gelegenheid krijgt om rechtstreeks en ongehinderd (juridisch relevante) vragen te stellen aan de getuige zonder tussenkomst van derden, terwijl zij beiden op de hoogte zijn van de identiteit van de getuige en de getuige ook daadwerkelijk antwoord geeft op de hem gestelde vragen.7
Het ondervragingsrecht kan worden beperkt. Ook als de verdediging niet op enig moment in de procedure de gelegenheid heeft gehad om haar ondervragingsrecht (in volle omvang) uit te oefenen en in dat opzicht in haar verdedigingsrechten is beperkt, kan de procedure als geheel eerlijk zijn geweest. Het Hof toetst een beperking op het ondervragingsrecht altijd tezamen met het eerste lid.8 Als algemeen uitgangpunt ligt aan de jurisprudentie van het Hof ten grondslag dat inperking van de verdedigingsrechten neergelegd in artikel 6 EVRM geoorloofd is, zolang hiervoor een goede reden heeft bestaan en de handicaps die de verdediging heeft ondervonden als gevolg van deze beperkingen op adequate wijze zijn gecompenseerd door de procedures gevolgd door de juridische autoriteiten.9 Een beperking van het ondervragingsrecht neergelegd in het derde lid hoeft dus niet te leiden tot het aannemen van een schending, mits de procedure als geheel eerlijk is geweest. Of dat het geval is geweest, is mede afhankelijk van het overige beschikbare bewijsmateriaal.