Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/1.3
1.3 Politiek en wetgeving
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977225:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Kabinet-Rutte III (VVD-CDA-D66-CU), 26 oktober 2017, p. 3, 19. Het kabinet-Merkel IV (CDU/CSU-SPD) (17 maart 2018) kent een CSU-bewindsman voor Heimat; vgl. R. Torfs, ’Mijn eerste taak is het bestrijden van vervreemding. ’Minister’ Rik Torfs presenteert zijn vijfpuntenplan voor het Vlaams-Nederlandse thuisgevoel’, Trouw 14 april 2018, p. 5-8.
Bijlage bij Kamerstukken II 2017/18, 34700, nr. 34; vgl. H. Broeksteeg, ‘Maar jullie burgerschap is het mijne niet!’, CDA-V Winter 2017, Amsterdam: Boom, p. 81.
Regeerakkoord-Rutte III, 2017, p. 9-12; J. Markvoort, ’Begin al in de brugklas met maatschappijleer’, Trouw 31 augustus 2017 en B. Dirks, ’Solidair met iedereen die ‘anders’ is’, De Volkskrant 8 december 2017.
Ibid., ‘Beleidsvoornemens 2, 3 en 4’, p. 10; Kabinetsformatie 2017 -Verslag formateur, Kamerstukken II 2017/ 18, 34700, nr. 43, p. 1257; vgl. ’Maatschappelijke diensttijd’ gaat van start’, NRC 28 juli 2018, R. van Ettehoven, ‘Vrijwillige diensttijd biedt kansen’, Trouw 10 mei 2019, p. 22, Kamerbrief van 24 maart 2021 over onder meer het rapport Verkenning van een meer verplichtende variant MDT: Volledig vrijwillig of een verplichtende vorm?, Kamerstukken II 2020/21, 35034, nr. 21 en bijlage.
De burgerschapsopdracht omvat kennis van de democratische rechtsstaat, ontwikkeling van sociale vaardigheden en omgangsvormen, kennis van mensenrechten en maatschappelijke verantwoordelijkheid leren; vgl. M. Huygen, ‘Over democratie leren ze bar weinig. Nederlandse middelbare scholieren weten weinig van burgerschap en democratie. Dit komt niet vanzelf goed’, NRC 9 november 2017. De resultaten van vergelijkend onderzoek naar burgerschap komen van de International Association for the Diversion, Verkenning: Dialoog als burgerschapsinstrument. Verkenning van gevoelige burgerschapskwesties in samenwerking met lerarenopleidingen, Amsterdam: SoZaW en OCW 2016 en Munniksma e.a. 2017.
Den Ridder & Dekker 2015 en Q. Eijkman, ’De spelregels van de rechtsstaat: burgerschaps- en mensenrechteneducatie voor jong en oud’, in: Van den Heuvel & Overeem (red.) 2019, 2, p. 102-109.
Ibid., ’Beleidsvoornemens 5‘, p. 19; L. van Baars, ’Christelijke scholen tegen verplichte Wilhelmusles’, Trouw 22 september 2017, B. de Graaf, ’Heimat in Holland’, NRC 7 april 2018, p. W2, B. Eidhof, ‘Het Wilhelmus voor bij, Politiek en burgerschapsvorming’, TEO 2018, 3, p. 8-10 en Het Wilhelmus voorbij, Amsterdam: Van Gennep 2018, A. Leemans, ‘Maak Verlatinghedag nationale Feestdag’, Trouw 17 januari 2019, p. 23, A. Dujardin, ’Discussies over het Wilhelmus: kul!’, Trouw 31 januari 2019, p. 9 en E. Stronks, ’Leer scholieren het Wilhelmus over burgerschap ’, Trouw 16 oktober 2019, p. 21.
L. Dobber, ’En Kamerbezoek verhoogt de burgerzin’, Trouw 29 september 2017, p. 11.
Kamerstukken II 2016/17, 31293, nr. 353; vgl. C. Gelinck, ’Burgerschapsvorming: belangrijk en urgent’, M & P 2017, 02, p. 8-9.
Zie: Regeerakkoord Vertrouwen in de toekomst (Kabinet-Rutte III), 10 oktober 2017, p. 9.
Ibid., p. 9; vgl. B. Eidhof & A.J. Kruiter 2016 en Redactie, ‘Burgerschapsonderwijs amper gefaciliteerd’, M & P 2017, 02, p. 10-11.
Concept-wetsvoorstel van 6 juni 2018 (Verduidelijking van begrip burgerschapsvorming); vgl. Regeerakkoord kabinet-Rutte III (Kamerstukken II 2017/18, 34700, nr. 34), Kamerbrief van 7 november 2017 (Kamerstukken II 2017/18, 31289, nr. 354) met ICCS-resultaten, I. Pertijs, ’Interview met onderwijsminister A. Slob, ‘Docenten maatschappijleer zijn heel belangrijk’, M & P 2018, 05, p. 4-6, G-J. Kleinjan, ‘Burgerschap leer je van de minister’, Trouw 5 juni 2018 en ‘Slob wil scholen vooral duidelijkheid bieden’, Ibid., p. 9, K. Wittebrood, ’De (on)wetende burger? Politieke kennis van de Nederlander’, Namens 1990, 5, p. 18-24 en ‘Beïnvloeding van politieke houdingen via maatschappijleer’, AP 1994, p. 285-308, en Zoontjens 2019, p. 38-39.
Vgl. IvhO, Burgerschap op school, Utrecht 2016, p. 19, Onderwijsraad 2016, p. 15, Nota Grondrechten in een pluriforme samenleving (Kamerstukken II 2003/04, 29614, nr. 2, p. 4-5), IPW, Burgerschapsvorming (Kamerstukken II 2016/17, 34550 VIII, nr. 125, B. Eidhof & A.J. Kruiter 2016 en SCP, Gedeelde waarden en een weerbare democratie, Den Haag: SCP 2016 (Kamerstukken II 2015/16, 29279, nr. 319).
Wetsvoorstellen in consultatie, ’Burgerschapsopdracht basisonderwijs’, NJB 22 juni 2018, p. 1762 (titel moet zijn: ’Burgerschapsopdracht funderend onderwijs’); vgl. J. Steenwegen, ’Soms is afkijken oké, ook in het onderwijs’, Trouw 11 juni 2018, p. 21, A. Munniksma e.a. 2018 en M. Terpstra, ‘De zinvolheid van het begrip ‘nationale gemeenschap’, CDV Winter 2017, p. 46.
Wet van 23 juni 2021, Stb. 2021, nr. 320; vgl. J. van den Brink, ´Het Wetsvoorstel burgerschapsopdracht´, TRRB 2020, 1, M. Lebouille, ‘Geef outsider duwtje bij burgerschapsles’, Didactief onl., 2022, 9 en I. Pertijs, ‘Burgerschap moet gaan leven in de hele school’, M & P 2022, 05, p. 16.
Wet van 23 juni 2021, Stb. 2021, nr. 320.
Coalitieakkoord van kabinet-Rutte-IV (VVD-D66-CDA-CU), 15 december 2021, p. 19-22.
Vgl. M. Mooijman, ‘Column NVLM’, M & P 2022, 05, p. 36 (Burgerschap kernvaardigheid).
Regeerakkoord van kabinet-Rutte-III (2017-2022)
Het regeerakkoord van kabinet-Rutte-III1 bevat als burgerschapsdoelen2
Aanscherping kerndoelen techniek, burgerschap en seksuele diversiteit.3
Invoering mogelijkheid maatschappelijke diensttijd (max. 6 maanden).4
Verduidelijking van de burgerschapsopdracht.5
Waarborgen dat schooluitingen in lijn zijn met democratische rechtsstaat.6
Op school het Wilhelmus leren, inclusief de context ervan.7
Scholen bezoeken het Rijksmuseum en het parlement.8
Zichtbaar en toegankelijk maken van de historische plaatsen, waarbij de in 2006 vastgestelde Nationale canon leidend is.
Uitreiken van de Nationale canon aan 18-jarigen en de verwervers van het Nederlanderschap.
De voornemens zijn geheel of ten dele gerealiseerd (2023).
Constitutionele geletterdheid
Met betrekking tot het burgerschapsonderwijs is al langer de noodzaak gesignaleerd tot het verduidelijken van de burgerschapsopdracht en een herijking ter hand te nemen als het in 2019 afgeronde project Curriculum.nu, ‘waarin het onderwijs in burgerschap een voorname plaats krijgt’.9 Hierin past de kennis van onze constitutionele vrijheden en plichten als constitutionele geletterdheid.10 De regering acht zich gehouden ‘de ondergrens van burgerschapsonderwijs’ te bepalen.11 Daartoe dient de Wet verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen.
Wet verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen 2021
Als sequeel van het Regeerakkoord 2017 en het rapport Burgerschap op school (2016)12 verschijnt in 2018 het concept-Wetsvoorstel verduidelijking van de burgerschapsopdracht aan scholen.13 Uiteindelijk (2021) resulteert dit in de artikelen 8, lid 3 Wpo, 11, lid 3 Wec en 17 Wvo-oud en 2.2 Wvo 2020 in:
Het onderwijs bevordert actief burgerschap en sociale cohesie op gerichte en samenhangende wijze, waarbij het zich in ieder geval herkenbaar richt op:
het bijbrengen van respect voor en kennis van de basiswaarden van de democratische rechts staat, zoals verankerd in de Grondwet14, en de universeel geldende fundamentele rechten en vrijheden van de mens en
het ontwikkelen van sociale en maatschappelijke competenties die de leerling in staat stellen deel uit te maken van en bij te dragen aan de pluriforme democratische Nederlandse samenleving15
het bijbrengen van kennis over en respect voor verschillen in godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, afkomst, geslacht, handicap of seksuele gerichtheid alsmede de waarde dat gelijke gevallen gelijk behandeld worden.
Het bevoegd gezag draagt zorg voor een schoolcultuur die in overeenstemming is met de waarden bedoeld in het derde lid, onder a, en creëert een omgeving, waarin leerlingen en personeel zich veilig en geaccepteerd weten, ongeacht de in het derde lid, onder c, genoemde verschillen.
Deze wet beoogt een beter aangrijpingspunt voor doelgerichter, samenhangend democratisch burgerschapsonderwijs te bieden.16 In hoofdstuk 10 komt de wet wetshistorisch en dogmatisch in bespreking.17
Regeerakkoord kabinet-Rutte-IV (2022-2024)
Het Regeerakkoord van het kabinet-Rutte-IV18 (2021) bevat over burgerschap:
Burgerschap moet integraal onderwijsonderdeel zijn, te geven door bevoegde docenten.19
Maatschappelijke diensttijd wordt voortgezet en uitgebouwd.
Inspectie zet extra in op sociale veiligheid.
Geen noodzaak om artikel 23 Gw aan te passen.
Snel ingrijpen bij anti-integratief en -democratisch/rechtsstatelijk opereren.
Bekostiging stopzetten bij anti-rechtsstatelijke praktijken.
Verbod op gebruik van antidemocratische of -rechtstatelijke lesmaterialen.
Gelijke kansen bevorderen en leerachterstanden aanpakken (NPO).
Artikel 1 Gw aanvullen met discriminatie op grond van handicap.
Enige voornemens als onder 3, 6 en 8 zijn in uitvoering genomen (2024).