Einde inhoudsopgave
De rol van Nederlandse werknemers(vertegenwoordigers) bij een grensoverschrijdende juridische fusie (VDHI 119) 2013/4.3.4.3
4.3.4.3 Verkiezing van de leden in de Aufsichtsrat
mr. F.G. Laagland, datum 15-07-2013
- Datum
15-07-2013
- Auteur
mr. F.G. Laagland
- JCDI
JCDI:ADS389772:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Ondernemingsrecht / Europees ondernemingsrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Erste, zweite und dritte Wahlordnung zum Mitbestimmungsgesetz vom 27. Mai 2002, BGBl I p. 1682, p. 1708 en p. 1741, die durch Art. 3 der Verordnung vom 10. Oktober 2005 geändert worden ist.
Per Betrieb bestaat één verkiezingscommissie. In vennootschappen met meerdere Betriebe bestaan verschillende verkiezingscommissies naast elkaar, maar moet men daarnaast een gezamenlijke of concernverkiezingscommissie instellen. Een verkiezingscommissie bestaat in de regel uit drie kiesgerechtigde werknemers die door de ondernemingsraad zijn benoemd.
Voor een verkiezing via gedelegeerden is gekozen omdat in dergelijke grote ondernemingen de werknemers vaak niet bekend zijn met de kandidaten voor de Aufsichtsrat. Een werknemer kan tot gedelegeerde worden gekozen indien hij achttien jaar of ouder is en minstens zes maanden werkzaam is in de betreffende Betrieb van de onderneming waarvoor hij zich verkiesbaar stelt (§ 10 Abs. 3 MitbestG jo. § 8 BetrVG). Voor de termijn van een half jaar worden perioden meegerekend die de werknemer heeft gewerkt in een andere Betrieb van dezelfde vennootschap of hetzelfde concern. De zesmaandeneis vervalt indien de Betrieb nog geen half jaar bestaat. Dit volgt uit een analoge toepassing van § 8 Abs. 2 BetrVG.
Kiesgerechtigd zijn de werknemers van achttien jaar en ouder in dienst van de vennootschap. Dit geldt voor de verkiezing van de gedelegeerden uit § 10 Abs. 2 MitbestG en voor de rechtstreekse verkiezing uit § 18 MitbestG. Ook gedetacheerden en uitzendkrachten die ten minste drie maanden in de onderneming van de vennootschap werkzaam zijn, hebben een actief kiesrecht (§ 7 Abs. 2 BetrVG).
Vanaf vijfentwintig gedelegeerden wordt het aantal met een wisselend percentage verminderd op grond van § 11 MitbestG.
Aangezien de gedelegeerden verhoudingsgewijs over de reguliere werknemers en de leitende Angestellte worden verdeeld, bestaat het risico dat de groep leitende Angestellte - net als bij de samenstelling van de Aufsichtsrat - geen gedelegeerde krijgt toegewezen. Om dit risico te voorkomen, bepaalt § 11 Abs. 2 MitbestG dat voor iedere negen gedelegeerden in beginsel één gedelegeerde aan de groep leitende Angestellte moet worden toebedeeld.
§ 68 Wahlordnung I en § 74 Wahlordnung II en Wahlordnung III.
Periodes in (concern)vennootschappen en personenvennootschappen ingevolge de §§ 4 en 5 MitbestG worden meegeteld. Hetzelfde geldt voor periodes die zijn gewerkt in ondernemingen die door fusie of overname deel van de vennootschap zijn gaan uitmaken.
Dit orgaan vertegenwoordigt de groep leitende Angestellte binnen de onderneming.
Dit is bij een AG de Vorstand, bij een KGaA de Komplementär en bij een GmbH de Geschäftsführer.
Raiser & Veil (2009), p. 322-323 (§ 22, Rn. 20-23).
Het MitbestG regelt in de §§ 9-18 en 34 de verkiezing van de werknemersvertegenwoordigers (en hun vervangers) in de Aufsichtsrat. Deze bepalingen schetsen op hoofdlijnen de wijze waarop de verkiezing dient plaats te vinden. De technische uitwerking volgt uit drie verschillende Wahlordnungen, die door de regering zijn vastgesteld op grond van § 39 MitbestG.1 De eerste Wahlordnung geldt voor vennootschappen met één Betrieb, de tweede voor vennootschappen met meerdere Betriebe en de derde voor een concern. De toepasselijke Wahlordnung bepaalt binnen welke termijn de onderneming de verkiezing moet aankondigen. Ook de samenstelling van de verkiezingscommissie(s) vloeit hieruit voort.2 De verkiezingscommissie is verantwoordelijk voor de verkiezingen: zij stelt het kiesregister op, maakt bekend hoe en wanneer de verkiezingen plaatsvinden en verdeelt de werknemersvertegenwoordigers in de Aufsichtsrat over de verschillende groepen binnen de onderneming.
De verkiezingsprocedure is een stuk ingewikkelder dan in het DrittelbG. De wijze waarop de werknemers hun vertegenwoordigers in de Aufsichtsrat kiezen, verschilt naar gelang de grootte van de onderneming. Bij een vennootschap met meer dan 8.000 werknemers in dienst worden de werknemersvertegenwoordigers in beginsel gekozen door gedelegeerden.3 In dit geval kiezen de kiesgerechtigde werknemers eerst hun gedelegeerden.4 Per negentig werknemers wordt in beginsel één gedelegeerde gekozen,5 waarbij de werknemers en de leitende Angestelltenaar evenredigheid zijn vertegenwoordigd.6 De benoeming van gedelegeerden geschiedt via geheime verkiezingen per Betrieb (§ 10 MitbestG). Slechts de werknemers van de betreffende Betrieb zijn bevoegd tot het indienen van kieslijsten (§ 12 MitbestG). Dit is niet anders bij de verkiezing binnen concernverband. De gedelegeerden kiezen vervolgens binnen vier weken de werknemersvertegenwoordigers in de Aufsichtsrat.7 Dit gebeurt op basis van kieslijsten die door de werknemers zijn opgesteld en ingediend. Een kieslijst moet zijn ondertekend door ten minste 5% van het totale aantal kiesgerechtigden dan wel vijftig kiesgerechtigden (§ 15 Abs. 2 MitbestG). De ondernemingsraad heeft niet het recht een kieslijst in te dienen. De kandidaten op de kieslijst moeten op het moment dat het lidmaatschap van de Aufsichtsrat ingaat ten minste een jaar in de vennootschap werkzaam zijn (§ 7 Abs. 3 MitbestG).8 Bij meerdere kieslijsten geschiedt de verkiezing op basis van Verhältniswahl. De gedelegeerden brengen dan een stem op een lijst en niet op een persoon uit. Wie als werknemersvertegenwoordiger in de Aufsichtsrat zitting krijgt, wordt bepaald aan de hand van de volgorde van de kieslijst. Indien slechts één kieslijst wordt ingediend, wordt wel op personen gestemd. Dit noemt men de Mehrheitswahl c.q. Personenwahl. In een vennootschap met minder dan 8.000 werknemers kiezen de werknemers in beginsel rechtstreeks hun vertegenwoordigers. De bepalingen inzake de verkiezing via gedelegeerden zijn in dat geval van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat de werknemers geen gedelegeerden maar werknemersvertegenwoordigers kiezen (§ 18 MitbestG).
Ook de werknemersafgevaardigden van de vakbond worden door de werknemers (via gedelegeerden ofwel rechtstreeks) gekozen. De vakbonden hebben ten aanzien van de aan hen toegekende vertegenwoordigers slechts een voordrachtsrecht (§ 16 MitbestG). De voorgedragen kandidaat hoeft niet lid te zijn van de vakbond of werkzaam te zijn in door de vennootschap in stand gehouden onderneming. Voor de afgevaardigde van de leitende Angestellte geldt een bijzondere regeling. Deze afgevaardigde moet uit deze groep arbeidskrachten afkomstig zijn en wordt door de leitende Angestellte zelf gekozen (§ 15 Abs. 2 Nr. 2 MitbestG).
De werknemersvertegenwoordigers in de Aufsichtsrat worden – in lijn met de vertegenwoordigers van aandeelhouderskant – doorgaans voor een periode van vijf jaar gekozen (§ 102 Abs. 1 AktG jo. § 6 Abs. 2 MitbestG). De rechtsgeldigheid van de verkiezing kan binnen een termijn van twee weken worden aangevochten bij het Arbeitsgericht wegens strijd met de voorschriften inzake het kiesrecht, de verkiesbaarheid en/of de gevolgde procedure (§ 22 DrittelbG). Bevoegd zijn een totaal van drie kiesgerechtigden, de (centrale) ondernemingsraad die kiesgerechtigde werknemers overkoepelt, de Sprecherausschuss9 bij het ontbreken van een (centrale) ondernemingsraad en het orgaan dat wettelijk bevoegd is de vennootschap te vertegenwoordigen.10 De vakbonden zijn ook bevoegd de rechtsgeldigheid aan te vechten. De verkiezing kan daarnaast nietig zijn. In lijn met het DrittelbG geldt de nietigheidssanctie slechts onder zeer bijzondere omstandigheden.11 Voldoet een werknemersvertegenwoordiger tijdens de ambtstermijn van de Aufsichtsrat niet meer aan de wettelijke voorwaarden, dan verliest hij zijn lidmaatschap. In dat geval neemt zijn vervanger zijn plaats over. Dit doet zich voor als het dienstverband van de werknemer tijdens de zittingsperiode eindigt, maar ook bij een vrijstelling van werk indien duidelijk is dat de werknemer niet meer zal terugkeren in de onderneming.