Het budgetrecht van het Nederlandse parlement
Einde inhoudsopgave
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/4.2.4.3:4.2.4.3 Hybride stelsel
Het budgetrecht van het Nederlandse parlement 2017/4.2.4.3
4.2.4.3 Hybride stelsel
Documentgegevens:
mr. M. Diamant, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. M. Diamant
- Vakgebied(en)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie o.a. Trubek, Cottrell & Nance 2006.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De coördinatie van het economisch en budgettair beleid vindt dus plaats in twee stadia en maakt gebruik van een hybride stelsel waarin zowel soft law als hard law elementen worden gecombineerd.1 In het eerste stadium zijn de lidstaten onderworpen aan de multilaterale toezichtprocedure met als doel het tot stand brengen van nauwere coördinatie en convergentie richting de EU-brede doelen. Deze procedure maakt gebruik van juridisch niet-bindende soft law elementen. In het tweede stadium, als de eerste fase onvoldoende heeft geleid tot het behalen van deze doelen en de lidstaat buitensporige tekorten heeft opgelopen, is er sprake van toepassing van hard law elementen: de lidstaat is gebonden aan een strikt tijdframe en kan mogelijk een sanctie worden opgelegd als de lidstaat het tekort niet voldoende reduceert. Hoewel de buitensporige tekortprocedure gebruikt maakt van hard law elementen is de toepassing ervan echter niet zo ‘hard’; het oordeel over het bestaan van een buitensporig tekort is immers afhankelijk van een politiek oordeel, in plaats van een technische beslissing. Dit heeft onder meer gevolgen voor de effectiviteit van de regels. Zie hierover paragraaf 4.2.11.