Bedrijfswaarde (FM)
Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/4.24:4.24 Bedrijfswaarde en openingsbalans
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/4.24
4.24 Bedrijfswaarde en openingsbalans
Documentgegevens:
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS343125:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
HR 2 april 1947, B. 8335.
Door dit arrest ontstond er bij overlijden van een ondernemer een heffingslek. Blijkens art. 6, tweede lid van het Besluit op de Inkomstenbelasting 1941 was eindafrekening in een dergelijke situatie niet verplicht, terwijl de voortzetters/erven op basis van dit arrest niet door mochten gaan met de 'oude' boekwaarden. Overigens werd dit lek reeds bij de Wet Belastingherziening 1950 gedicht.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Illustratief voor de wijze waarop het begrip bedrijfswaarde in de Nederlandse belastingtraditie en -doctrine is opgenomen, is een arrest van 2 april 19471. De Hoge Raad oordeelde onder de vigeur van het Besluit op de Inkomstenbelasting 1941 dat op de openingsbalans (beginbalans) de activa gewaardeerd moesten worden overeenkomstig art. 10 op het bedrag dat door de nieuwe eigenaar of eigenaren opgeofferd had moeten worden voor de verkrijging daarvan krachtens een normale overeenkomst, waarbij de waarde langs zuiver zakelijke weg was bepaald. De Hoge Raad memoreerde als volgt: 'welk bedrag veelal zal overeenstemmen met de bij art. 10, lid 2, bedoelde bedrijfswaarde'.2
Dit arrest heeft in de huidige tijd nog steeds niets aan belang ingeboet. Ook thans geldt dat bij inbreng in een onderneming of besloten vennootschap, bedrijfsmiddelen niet tegen een hoger bedrag dan de bedrijfswaarde geactiveerd kunnen worden.