Burgerschap op orde
Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/3.14.1:3.14.1 V.O.S.-reacties op de voorstellen van de commissie-Goote 1964-1965
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/3.14.1
3.14.1 V.O.S.-reacties op de voorstellen van de commissie-Goote 1964-1965
Documentgegevens:
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS976981:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
VOS-M 1965, 76, p. 24.
Kamerstukken II 1970/71, 11111, nr. 2 (Initiatiefwetsvoorstel-Schuring, Tilanus en Bos).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Initiatiefwetsvoorstel-Schuring c.s. 1971
Voor de uitwerking van de Wvo is de commissie-Goote ingesteld. De V.O.S. wijst de voorstellen van de commissie voor staatsinrichting op de basistabel atheneum-a en -b af. Er is sprake van een depreciatie van het vak, omdat talen, aardrijkskunde en geschiedenis als de maatschappelijke vakken worden gezien. ‘Dat is te gortig’, aldus de V.O.S., ‘Het verstoken blijven van staatsinrichting is bedenkelijk’.1 Voorts doet een vrije keuze voor het vak op atheneum-b gerede afbreuk aan ‘de zo dringend nodige versterking van een democratische levensinstelling bij de burgerij’. ‘De leerling daarop gerichte staatsburgerlijke scholing onthouden’, acht de V.O.S. onverantwoord. En ‘het is zeer wel mogelijk om staatsinrichting uren toe te kennen, omdat de talenuren en natuurwetenschappen zijn verminderd en staatsinrichting een jaar eerder begint dan maatschappijleer’. Dit voorstel vormt in 1971 de ruggengraat van het initiatiefvoorstel-Schuring c.s. (CHU) over de geïntegreerde kolom van volgtijdige lessen staatsinrichting, recht en maatschappijleer op vwo/havo.2
V.O.S.: staatsinrichting op alle scholen/recht apart vak niet in basistabel
Een tweede bestuursreactie behelst het verzoek om (i) het aantal uren voor het vak economische wetenschappen en recht I op atheneum-a en (ii) de uren staatsinrichting in het vak geschiedenis en staatsinrichting op gymnasium vast te leggen. Het aantal uren economische wetenschappen I en II komt niet overeen met het examenvak economische wetenschappen I op atheneum-a. Bovendien wordt het vak recht niet in de basistabel vermeld. De V.O.S. verzoekt de wetgever staatsinrichting op elk schooltype in te voeren door het te laten geven door juristen en/of de geschiedenisleraren. In dat laatste geval moeten deze in hun opleiding een examen afleggen in het staatsrecht.
V.O.S.: staatsinrichting op gymnasium één uur/schoolexamenvak privaatrecht
Voorts moeten in de basistabel 18 in plaats van 14 uur voor economische wetenschappen I en II, 4 uur voor recht en staatsinrichting en op gymnasium 1 uur voor staatsinrichting worden vastgelegd. Als keuze-examenvak is privaatrecht voorgesteld om onder meer een rechtenstudie in te leiden.
Rekest over staatsinrichting als apart vak op atheneum V.O.S.
Het V.O.S.-jaarverslag 1965/66 besteedt aandacht aan de nog steeds moeizame samenwerking met de Voha in het kader van een voorgenomen fusie. Voor de verbetering van curriculumpositie en curricula van economisch/juridische vakken is goed samengewerkt. Bij de V.O.S is buitengewoon veel aandacht voor de bedreiging van de zelfstandigheid van staatsinrichting op atheneum door de op handen zijnde indiening van wijzigingen van de OWvo. Het verzenden van een rekest is het eerste, maar niet het enige besluit, waarmee de V.O.S. de positie van staatsinrichting in de Wvo hoopt veilig te stellen.
Waken tegen ongevraagde uitholling van staatsburgerlijke vorming
Het aantal V.O.S.-leden bedraagt in het verslagjaar 193. Naar schatting zijn 270 leraren staatswetenschappen geen lid en ‘dat juist’, memoreert het bestuur, ‘in een tijd waarin de staatswetenschappen meer dan ooit onder druk staan en er om behoud gevochten wordt’. Het bestuur besluit tot een wervingscampagne teneinde zoveel mogelijk van de ruim 450 collegae tot V.O.S.lid te maken en om zodoende sterker te staan in het verzet tegen de ongevraagde uitholling van het vak staatsinrichting en daarmee van de staatsburgerlijke vorming.