Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/9.2.1
9.2.1 Inleiding
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949829:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
De gehele wet is te lezen op de website: https://www.ejustice.just.fgov.be/eli/wet/2016/03/13/2016011092/justel#LNK0046.
Deze circulaire is te vinden op de website van de NBB: https://www.nbb.be/nl/search/circulars-communications/circulaire%2520overdracht%25202018. De circulaire beschrijft met name welke informatie aan de NBB moet worden verstrekt bij het indienen van een aanvraag om toestemming te verlenen.
De gehele wet is te lezen op de website: https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&table_name=wet&cn=2014040423.
Zie voor wat betreft Nederland hoofdstuk 3 van dit proefschrift. Zie voor wat betreft België Dirix 1984, p. 57: “Ook in dit geval gaat het om een volkomen contractsoverdracht; de gehele rechtsverhouding zoals zij op het tijdstip van de overdracht bestaat, gaat over op de overnemer, terwijl de overdragende verzekeringsonderneming geheel uit de rechtsverhouding verdwijnt. Deze contractsoverdracht vindt plaats zonder de toestemming van de schuldeiser (de verzekerde) en mogelijk tegen zijn wil in.”; Beyaert, Tijdschrift voor Belgisch Burgerlijk Recht 2003, p. 678, nummer 70: “Er vindt contractsoverdracht plaats: in de verhouding tussen de verzekeringsonderneming en de verzekeringnemer wordt de verzekeringsonderneming gewisseld.”; Withofs 2015, p. 253-255: “Portefeuilleoverdracht is wettelijke toepassing van contractsoverdracht”; Fostier, Lodewijckx en Hamels, Tijdschrift voor Verzekeringen september 2020, p. 242 en 250: “Het is een bijzondere toepassing van de contractsoverdracht, die onderhevig is aan een specifiek wettelijk en reglementair regime dat afwijkt van de gemeenrechtelijke regels omtrent de contractsoverdracht.”
Withofs 2015, p. 504.
Withofs 2015, p. 503-509.
In Nederland bevat de Wet op het financieel toezicht de voorschriften voor het verkrijgen van de instemming van DNB voor het overdragen van rechten en verplichtingen uit verzekeringsovereenkomsten. In dezelfde wet wordt aan polishouders bij de overdracht van levensverzekeringen en natura-uitvaartverzekeringen een recht van verzet toegekend. Bij de overdracht van schadeverzekeringen hebben verzekeringnemers op grond van deze wet een opzegrecht.
De Belgische wet waarin het toezicht op verzekeraars is geregeld, bevat de voorschriften voor het verkrijgen van de toestemming van de Nationale Bank van België (‘NBB’). Deze Wet van 13 maart 2016 op het statuut van en het toezicht op de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen1 (‘Toezichtswet’) regelt in hoofdstuk IV de “Portefeuilleoverdracht en andere bijzondere verrichtingen”. De vijf artikelen van dit hoofdstuk (artikel 102 tot en met 106) beschrijven onder meer wanneer toestemming van de NBB vereist is en aan welke voorwaarden voldaan moet zijn voordat de NBB toestemming verleent. De regeling is nader uitgewerkt in een circulaire van de NBB van 17 maart 2021 met de naam “Circulaire betreffende de te volgen procedure in geval van overdracht van een portefeuille verzekerings- of herverzekeringsovereenkomsten en in geval van fusie of splitsing” (de ‘Circulaire’).2
Behalve de genoemde bepalingen in de Toezichtswet, hebben ook de artikelen 17 en 18 van de Wet betreffende de verzekeringen van 4 april 2014 (‘Verzekeringswet’)3 betrekking op het overdragen van verzekeringsportefeuilles. Hier is het opzegrecht van verzekeringnemers in het geval van portefeuilleoverdracht geregeld. Een belangrijk deel van deze Verzekeringswet is vergelijkbaar met Titel 17 en 18 van Boek 7 van ons Burgerlijk Wetboek.
Kort gezegd, komt het er dus eigenlijk op neer dat de procedure voor het verkrijgen van de toestemming van de prudentiële toezichthouder beschreven is in het Belgische equivalent van onze Wet op het financieel toezicht (‘Wft’) en het opzegrecht van verzekeringnemers in een wet die ook regelt wat wij in de regeling in het Burgerlijk Wetboek over verzekeringsrecht hebben staan.
Ik bespreek hierna eerst de bepalingen over portefeuilleoverdracht in de Toezichtswet en daarna de desbetreffende bepalingen in de Verzekeringswet. Daarbij besteed ik ook aandacht aan de taakverdeling bij een portefeuilleoverdracht tussen de NBB en de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten (de Financial Services and Markets Authority of ‘FSMA’). In België is voor wat betreft verzekeringsondernemingen de NBB verantwoordelijk voor het prudentieel toezicht en de FSMA voor het gedragstoezicht. In Nederland is DNB verantwoordelijk voor het prudentieel toezicht en de AFM voor het gedragstoezicht ten aanzien van verzekeraars.
Ten slotte wil ik ter inleiding nog opmerken dat in België net als bij ons de heersende opvatting is, dat er bij de overdracht door een verzekeraar van een verzekeringsportefeuille aan een andere verzekeraar sprake is van contractsoverneming waarbij de instemming van de toezichthouder de medewerking van de verzekeringnemers vervangt.4 Aangenomen wordt dat verweermiddelen uit de oorspronkelijke verhouding tussen de overdrager en wederpartij onverminderd werken in de verhouding tussen overnemer en wederpartij.5 Het Belgische recht gaat ervan uit dat de “contractsoverdracht” leidt tot een verandering van contractspartij met behoud van de “identiteit” van de contractuele verhouding.6