Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer
Einde inhoudsopgave
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/14.3:14.3 Inkomstenbelasting
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/14.3
14.3 Inkomstenbelasting
Documentgegevens:
Mr. dr. A.E. de Leeuw, datum 29-02-2020
- Datum
29-02-2020
- Auteur
Mr. dr. A.E. de Leeuw
- JCDI
JCDI:ADS232896:1
- Vakgebied(en)
Vermogensbelasting (V)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf bespreek ik de inkomstenbelastingaspecten van de APV-regeling, waarbij de inkomstenbelasting als startpunt wordt gehanteerd omdat de definitie van een APV is opgenomen in artikel 2.14a Wet IB 2001. Ik zal hierna ingaan op de definitie van een APV, de toerekening en de gevolgen daarvan, alsmede de gevolgen van het overlijden van de inbrenger. Voorts zal ik de niet-discretionaire entiteit, zoals een fixed trust, bespreken, alsmede enkele specifieke onderwerpen, zoals de vraag of sprake is van toerekening van vermogen of fiscale transparantie van het APV en de vraag of de omstandigheid dat de instelling van het APV of de inbreng van vermogen hierin herroepelijk zijn tot andere fiscale gevolgen leidt.
14.3.1 Definitie van het APV14.3.2 Afzonderen van vermogen14.3.3 Toerekening van APV-vermogen14.3.4 Toerekeningsstop14.3.5 Uitkeringen uit het APV14.3.6 Overlijden van de inbrenger14.3.7 Discretionaire en niet-discretionaire APV’s14.3.8 Kwalificatie bij herroepelijkheid14.3.9 Fiscale transparantie of toerekening14.3.10 APV-regeling en jurisprudentie inzake toerekening van stichtingsvermogen