Einde inhoudsopgave
RvdW 2018/673
Klacht over strijd met art. 275.2 j° 415 Sv en art. 6.3.e EVRM (in het bijzonder EHRM Kamasinski/Oostenrijk), omdat de ter rechtzitting aanwezige tolk niet ten volle in staat was de verklaring van verdachte te vertalen. Klachten over afwijzing getuigenverzoek en respons opuitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Hoge Raad: art. 81 lid 1 RO.
HR 29-05-2018, ECLI:NL:HR:2018:790
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
29 mei 2018
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, E.S.G.N.A.I. van de Griend, M.J. Borgers
- Zaaknummer
16/03587
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2018:790, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 29‑05‑2018
ECLI:NL:PHR:2018:288, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑04‑2018
Essentie
Klacht over strijd met art. 275.2 j° 415 Sv en art. 6.3.e EVRM (in het bijzonder EHRM Kamasinski/Oostenrijk), omdat de ter rechtzitting aanwezige tolk niet ten volle in staat was de verklaring van verdachte te vertalen. Klachten over afwijzing getuigenverzoek en respons opuitdrukkelijk onderbouwd standpunt. Hoge Raad: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
29 mei 2018
Strafkamer
nr. S 16/03587
ABO
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 1 juni 2016, nummer 21/001051-12, in de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.