Einde inhoudsopgave
Het Unierechtelijke verdedigingsbeginsel (FM nr. 170) 2021/6.6.2.d
6.6.2.d Administratieve efficiëntie
Anneke Els Keulemans, datum 01-08-2021
- Datum
01-08-2021
- Auteur
Anneke Els Keulemans
- JCDI
JCDI:ADS362898:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
De 13e halfjaarsrapportage van de belastingdienst (juli - december 2013) laat zien dat het aantal afgedane bezwaarschriften 400.000 (2010), 439.000 (2011), 473.000 (2012), 412.000 (2013) bedragen en het aantal afgedane beroepschriften: 5.100 (2010), 5.300 (2011), 5.000 (2012), 5.300 (2013). Dit zijn alle bezwaren bij elkaar. Het exacte aantal verzuimboeten is niet te vinden. In de 22e halfjaarsrapportage staat wel dat 95,5% aangifte OB, 99% aangiften LH en 94,3% aangiften IB/Vpb 98,7% tijdig betalen. Als de niet of te laat betalers een verzuimboete krijgen, levert dat miljoenen verzuimboeten op.
Richardson 2017, onder 3.4.
Administratieve efficiëntie kan een rol spelen in het belastingrecht. Juist het belastingrecht heeft elk jaar te maken met een massaproductie aan bezwarende besluiten. Het is dus een belang van de overheid het belastingproces zo efficiënt mogelijk in te richten. Dit argument hangt samen met het kostenaspect van de uitvoering van het kenbaarmakingsbeginsel. In het belastingrecht maakt een belanghebbende in veel gevallen geen bezwaar tegen een bezwarend belastingbesluit. Het is dan niet efficiënt in al die zaken de belanghebbende eerst de gelegenheid te geven een standpunt naar behoren en effectief kenbaar te maken.
Als een bepaalde categorie fiscale zaken een enorm aantal (jaarlijkse) besluiten betreft en het percentage bezwaarmakers heel laag ligt, kan efficiëntie in combinatie met het kostenaspect een grote rol spelen bij de vraag of een beperking van het kenbaarmakingsbeginsel gerechtvaardigd is. Gedacht kan worden aan verzuimboeten. Er wordt een groot aantal verzuimboeten opgelegd en tegen slechts een klein percentage van deze boeten wordt bezwaar gemaakt.1 Het is dan niet efficiënt bij alle verzuimboeten de belanghebbenden de gelegenheid te geven een standpunt naar behoren en effectief kenbaar te maken voordat een verzuimboete wordt opgelegd. Daarbij kan een rol spelen dat verzuimboeten vaak geringe bedragen betreffen en ook de uitvoeringskosten kunnen een rol spelen. Administratieve efficiëntie lijkt een belangrijke omstandigheid als het gaat om het beperken van het kenbaarmakingsbeginsel.2 Toename in administratieve efficiëntie heeft een verzwarend effect op het gewicht van het vervullen van het met het kenbaarmakingsbeginsel concurrerende belang. Het beperken van het kenbaarmakingsbeginsel in verband met administratieve efficiëntie zal leiden tot het uitsluiten van het kenbaarmakingsbeginsel voor bepaalde categorieën zaken. Categorale uitsluitingen zijn niet zomaar mogelijk. De voorwaarden waaronder dat wel kan, worden behandeld in paragraaf 6.6.2.g.1.