Einde inhoudsopgave
Burgerschap op orde (SteR nr. 66) 2024/3.8.4
3.8.4 De Wet op het Hooger Onderwijs 1876
Th.E.M. Wijte, datum 08-01-2024
- Datum
08-01-2024
- Auteur
Th.E.M. Wijte
- JCDI
JCDI:ADS977240:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
Staatsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Wet op het Hooger Onderwijs van 28 april 1876, Stb. 1876, nr. 102, W. Thorbecke 1876 en Mathijssen 1972, p. 128-130 en P. Baggen 1998.
W. Thorbecke 1876, p. 46-47.
Kamerstukken II 1867/68 (Gewijzigd ontwerp van wet).
Staat(s)huishoudkunde! Staatsinstellingen is gelijk aan staatsinrichting van Nederland.
Handelingen II 1875/76, p. 985.
Handelingen II 1875/76, p. 967-968; vgl. Duyverman 1936, p. 107.
Handelingen II 1875/76, p. 1008; zie voor staathuishoudkunde: p. 996.
Het amendement-Van Houten (Lib.) abituriënten van de 5 j. hbs toe te laten tot het doctoraat in de staatswetenschappen is verworpen (Handelingen II 1875/76, p. 1352-53); vgl. Rosenstein 1871.
KB van 27 april 1877, Stb. 1877, nr. 85 (leerplan gym: 2 uur gs in examenklas), KB van 29 juni 1878, Stb. 1878, nr. 98 (leerplan gym: 3 uur gs in examenklas) en KB van 21 juni 1887, Stb. 1887, nr. 105 (leerplan gym: 1 uur VIA en 2 uur VIB gs in examenklas).
Halbertsma 1876.
De Staatscommissie-Elzinga (2000) is niet zover teruggegaan.
KB van 29 juni 1878, Stb. 1878, nr. 98 (leerplan en lessentabel met vrijstellingen voor α- en β-afdeling: voor geschiedenis (en staatsinrichting) 3 lesuren in de examenklas).
KB 21 juni 1887, Stb. 1887, nr. 105. Gs/si op 6α houdt 3 uur; op 6β (zonder staatsinrichting) 2.
Staatsinrigting na veel vijven en zessen geen apart vak op gymnasium
Het Hooger Onderwijs heeft als doel leerlingen ‘te vormen en voor te bereiden tot zelfstandige beoefening der wetenschappen en tot het bekleeden van die maatschappelijke betrekkingen, waarvoor eene wetenschappelijke opleiding vereischt wordt’ (artikel 1 HO-wet) (hierna: HO).1 Deze doelstelling heeft niet geleid tot de invoering van het vak staatsinrichting op het gymnasium - in weerwil van Thorbeckes wens2 -, terwijl het in het eerste ontwerp-Heemskerk (Liberaal) (1868) facultatief is opgenomen.3 De vakken Staatsinstellingen en staathuishoudkunde zijn in het ontwerp-Fock (1869) vermeld, waar het ontwerp-Geertsema (1874) het clustervak staatshuishoudkunde en staatsinstellingen kent.4 Na de behandeling van het tweede ontwerp-Heemskerk (1874) komt, op instigatie van de Tweede Kamer, in 1875 naar analogie van de hbs het gewijzigd ontwerp-Heemskerk met het vak de gemeente-, provinciale- en Staatsinrigting van Nederland (artikel 5 Ontwerp-HO). De Commissie van rapporteurs verkiest staathuishoudkunde boven staatsinrichting.5 Het verworpen amendement-Van der Kaay (Liberale Unie) stelt staatsinrichting facultatief.
Geschiedenis, waaronder staatsinrichting begrepen, op het gymnasium
Het voorstel van de Commissie van rapporteurs om staathuishoudkunde in te voeren is verworpen bij amendement-Viruly Verbrugge (Liberale Unie)) en het amendement-Teding van Berkhout (AR) over de invoering van het vak staats- inrichting eveneens, omdat ‘De notiën van staatsinrichting bij het historisch onderwijs [kunnen] worden aangebracht’.6 Heemskerk geeft zich niet snel gewonnen en voert in zijn verdediging aan dat ‘het karakter van de geschiedenis geheel anders is dan dat van staatsinrichting en dat men staatsinrichting niet als vanzelf opdoet in het dagelijks leven’.7 Toch moet hij zich de aanneming van het amendement laten welgevallen.8 Staatsinrichting wordt onder het vak geschiedenis begrepen met als eis ‘de hoofdtrekken onzer gemeente-, provinciale en Staatsinrigting’ (artikel 5 HO).9
Halbertsma: Onparlementaire beschouwingen
Op de valreep stelt de Haarlemse rector Halbertsma in zijn Onparlementaire beschouwingen over de hervorming onzer gymnasiën een tabel voor, waarin één uur staathuishoudkunde in de vijfde en zesde klas, en één uur staatsinrichting in de eerste en tweede klas zijn vastgelegd.10 Hij ziet dit als een voordeel, omdat de gymnasiast ‘een heemkundige oriëntatie kan krijgen in de persoon van de burgemeester’ bij het leren over de consul in het openbare leven’.11 De eis voor staatsinrichting is: ‘Een overzigt van de Staatsregeling […] sinds 1747 tot op den jongsten tijd’.12 Op gymnasium-β-examen is staatsinrichting vanaf 1887 niet meer vereist. De stof voor gymnasium-α is beperkt tot de jaren 1795-1815.13