Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/II.3.3.3.3
II.3.3.3.3 Tegenmaatregelen (en het anticiperen daarop)
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS451966:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
J.P. Rosenfeld, M. Soskins, G. Bosh & A. Ryan, ‘Simple effective countermeasures to P300-based tests of detection of concealed information’, Psychophysiology 2004, 2, p. 217-218.
J.P. Rosenfeld, M. Soskins, G. Bosh & A. Ryan, ‘Simple effective countermeasures to P300-based tests of detection of concealed information’, Psychophysiology 2004, 2, p. 218.
G. Ben-Shakhar, ‘Countermeasures’, in: B. Verschuere, G. Ben-Shakhar & E. Meijer (eds.), Memory Detection: Theory and Application of the Concealed Information Test, Cambridge: Cambridge University Press 2011, p. 200 e.v.
J.P. Rosenfeld, E. Labkovsky, M. Winograd, M.A. Lui, C. Vandenboom & E. Chedid, ‘The Complex Trial Protocol (CTP): A new, countermeasure-resistant, accurate, P300- based method for detection of concealed information’, Psychophysiology 2008, 45, p. 906- 919.
Naast tijdsverloop en externe validiteit is het gedrag van de persoon bij wie de GKT wordt afgenomen een belangrijk aandachtspunt. Hij kan het afnemen van de test namelijk ‘tegenwerken’. Tegenmaatregelen zijn gedragingen verricht door de persoon bij wie de GKT wordt afgenomen om de resultaten van de test te verstoren. De persoon probeert dan de relevante antwoorden niet te herkennen of bij de neutrale antwoorden eenzelfde hersenactiviteit te produceren als bij de relevante items. Bij neurogeheugendetectie gaat het namelijk om het verschil in hersenactiviteit tussen de relevante daderkennisantwoorden en de controleantwoorden.
Als de persoon bij daderkennisantwoorden minder sterk reageert of bij controleantwoorden sterker reageert, dan wordt het verschil tussen relevante en controleantwoorden kleiner. Hierdoor neemt de kans af dat een schuldige ook daadwerkelijk als persoon met guilty knowlegde wordt herkend. Overigens is het, doordat ons lichaam en brein in veel gevallen automatisch reageert, erg moeilijk minder sterk te reageren op relevante antwoorden. De controle over deze automatische reactie op herkenningen ontbreekt (en daarom is de GKT ook succesvol in het detecteren van daderkennis). Daarentegen is wel mogelijk om meer breinactiviteit te produceren bij controleantwoorden. Het produceren van meer hersenactiviteit, kan plaatsvinden door herhaaldelijk kleine lichamelijke bewegingen te maken.1 Deze extra hersenactiviteit veroorzaakt ruis en verstoort de vergelijking tussen daderkennisantwoorden en plausibele afleiders. De extra hersenactiviteit moet echter wel op het juiste moment worden geproduceerd, namelijk precies gelijktijdig met de piek in hersenactiviteit die normaliter plaatsvindt als het daderkennisantwoord wordt herkend. Rosenfeld en collega’s schatten in dat dit voor verdachten in een forensische setting zeer moeilijk, maar niet onmogelijk is.2 De persoon dient goed op de hoogte te zijn van de theorie en praktijk van de GKT omdat hij exact moet weten wanneer hij meer of minder hersenactiviteit moet genereren.
Grofweg bestaan twee verschillende manieren om te proberen de resultaten van de GKT te verstoren.3 Zowel door fysieke gedragingen als mentale processen wordt ruis veroorzaakt. Deze ruis is bij een neurologische GKT de hoeveelheid breinactiviteit die niks met de geheugentaak te maken heeft. Door bijvoorbeeld kleine bewegingen met de tenen te maken, wordt hersenactiviteit geproduceerd. Daarnaast is bewust aandacht nodig om zolang de GKT duurt met de tenen te bewegen. Erg gesimplificeerd weergegeven: als consequent spieren worden bewogen bij de controleantwoorden dan wordt meer hersenactiviteit gegenereerd dan wanneer alleen de items worden waargenomen. Deze overbodige hersenactiviteit zorgt ervoor dat het verschil in hersenactiviteit bij de daderkennisantwoorden en controleantwoorden kleiner wordt, waardoor het misschien lijkt alsof iemand geen guilty knowledge heeft. Normaal gesproken wordt guilty knowledge namelijk afgeleid uit een piek in hersenactiviteit bij één van de antwoordmogelijkheden op een item. Als een persoon een surplus aan hersenactiviteit genereert, is de piek lastiger waar te nemen.
De andere mogelijkheid om de test te misleiden zijn mentale activiteiten. Een voorbeeld hiervan is om tijdens de controleantwoorden van de GKT herinneringen op te halen van situaties die hevige emoties oproepen. Doordat het brein bezig is met een emotionele situatie te herinneren tijdens de controleantwoorden, wordt hetzelfde bereikt met hersenactiviteit als wanneer een persoon een daderkennisantwoord herkent. Zoals ook bij de fysieke gedragingen wordt een overschot aan hersenactiviteit geproduceerd. Deze ruis zorgt voor moeilijker te interpreteren EEG-data. Zodoende is lastiger verschil te maken tussen hersenactiviteit bij de controle en daderkennisantwoorden. Met andere woorden, de piek in hersenactiviteit bij daderkennisantwoorden is minder goed te herkennen doordat de persoon bij alle antwoorden een piek produceert (of probeert te produceren).
Omdat de test ‘te verslaan is’, richten onderzoekers zich op het neutraliseren van de tegenmaatregelen. Rosenfeld en collega’s kwamen daarom in 2008 met een ‘tegenmaatregel-resistente’ GKT.4 Om ervoor te zorgen dat de proefpersoon aandacht besteedde aan de GKT werd vroeger gewerkt met een categorisatietaak tijdens de geheugentest. De verschillende daderkennisantwoorden en afleiders werden bijvoorbeeld begeleid door een gele of groene stip. De proefpersoon diende dan met zijn linkerhand de A op een toetsenbord in te drukken bij een gele stip of met zijn rechterhand de L bij een groene stip. Deze vorm van de GKT bestond dus uit twee taken: 1) categorisatie; 2) herkenning van guilty knowledge. Omdat deze taken tegelijk plaatsvinden, is deze vorm van de GKT gevoelig voor tegenmaatregelen omdat het moment van meten duidelijk is. De wijziging van Rosenfeld en collega’s houdt in dat niet langer een categorisatie moet worden gedaan, maar dat de proefpersoon op spatie moet drukken om aan te geven de foto te hebben gezien. Volgens de onderzoekers is deze vorm van de GKT resistent(er) tegen tegenmaatregelen.