Einde inhoudsopgave
Het schuldige geheugen? (SteR nr. 32) 2017/III.6.1.3.2
III.6.1.3.2 Economische kritiek
mr. D.A.G. van Toor, datum 22-02-2017
- Datum
22-02-2017
- Auteur
mr. D.A.G. van Toor
- JCDI
JCDI:ADS459219:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
R.A. Posner, ‘John A. Sibley Lecture: The Right of Privacy’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 397 en P.H. Blok, Het recht op privacy: Een onderzoek naar de betekenis van het begrip ‘privacy’ in het Nederlandse en Amerikaanse recht (diss. Tilburg), Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2002, p. 235-239.
In deze theorie heeft privacy dus geen waardigheid, want het is op geld waardeerbaar en derhalve vervangbaar.
R.A. Posner, ‘John A. Sibley Lecture: The Right of Privacy’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 398- 400.
R.A. Posner, ‘John A. Sibley Lecture: The Right of Privacy’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 403- 404.
R.A. Posner, ‘John A. Sibley Lecture: The Right of Privacy’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 404.
R.A. Posner, ‘John A. Sibley Lecture: The Right of Privacy’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 394.
E.J. Bloustein, ‘Privacy is Dear at Any Price: A Response to Professor Posner’s Economic Theory’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 430-431, 442-443.
E.J. Bloustein, ‘Privacy is Dear at Any Price: A Response to Professor Posner’s Economic Theory’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 445.
E.J. Bloustein, ‘Privacy is Dear at Any Price: A Response to Professor Posner’s Economic Theory’, Ga. L. Rev. 1978, 3, p. 452-453.
Posners economische theorie komt op twee punten overeen met de reductionistische visie. Beide komen voort uit ‘the ill-defined concept of privacy’ en privacy wordt alleen gezien als een eigendomsrecht.1 Hij biedt echter een duidelijk alternatief model, terwijl Thomson het gehele recht op respect voor privacy weg redeneert. In de economische theorie van privacy staat de eigendom en waarde2 van informatie centraal. Het hierboven aangehaalde voorbeeld van de analyses van schaakgrootmeester Fischer geeft duidelijk aan dat bepaalde informatie kostbaar is en dat personen die informatie daarom graag geheim houden (of juist willen verkrijgen). Zowel privacy in de zin van geheimhouding (het afschermen van informatie) als ‘prying’ (het verkrijgen van informatie) zijn op geld te waarderen goederen voor een zakelijke of persoonlijke relatie. De (afscherming van) informatie kan namelijk een mogelijkheid tot winst of een ander voordeel opleveren. Denk bijvoorbeeld aan het geheime recept van marktleider Coca Cola, de identiteit van een onbekende aanbidder en niet opgegeven inkomsten. Informatie heeft dus waarde en daarom zouden burgers informatie op zijn meest waardevolle manier willen gebruiken. Met andere woorden, mensen houden informatie geheim die kostbaar is – denk aan een gewiekste onderhandelaar die de echte waarde van een goed kent terwijl de verkoper daaromtrent onwetend is – en proberen informatie te verkrijgen waarvan de verkrijgingskosten lager zijn dan de baten.
Het recht op respect voor privacy kan worden gebruikt om informatie af te schermen. De vraag is of het afschermen van informatie door een individu economisch voordelig is. Een individueel recht op respect voor privacy is volgens Posner namelijk fraudegevoelig, voor de samenleving inefficiënt en moreel fout. Voorbeelden zijn: verkopers van een huis die (ernstige) gebreken verbergen zodat het meer geld oplevert; een verloofde die zijn sterilisatie verzwijgt zodat de verloving niet wordt verbroken; een toekomstig werknemer die een serieus gezondheidsprobleem niet meldt zodat hij wordt aangenomen en; personen die inkomsten niet (juist) opgeven zodat zij minder belasting moeten betalen. Mensen gebruiken geheimhouding en selectieve verspreiding van informatie volgens Posner om anderen te manipuleren of te misleiden.3 Omdat de afscherming van persoonlijke informatie (vaak) niet bijdraagt aan het economische welzijn van de gehele samenleving verdient persoonlijke informatie nauwelijks bescherming (en hiermee heeft de economische theorie ook duidelijke overeenkomsten met de nog te bespreken communitaristische visie).4 In deze benadering wordt het recht op respect voor privacy door Posner utilitaristisch bekeken: informatie moet worden gedeeld als de baten voor de samenleving de baten van geheimhouding voor het individu overschrijden. Overigens dient het recht om informatie af te schermen volgens Posner wel te worden toegekend aan bedrijven:
‘the law should in general accord private business information greater protection than it accords personal information. Secrecy is an important method of appropriating social benefits to the entrepreneur who creates them while in private life it is more likely to conceal discreditable facts.’5
In de economische theorie van privacy worden de goederen ‘privacy’ en ‘prying’ gezien als intermediair, zij worden gebruikt om een doel te bereiken (‘as inputs into the production of income or some other broad measure of utility or welfare’6), en tegen deze visie richt Bloustein zijn kritiek.7 Volgens Posner is privacy geen doel-in-zichzelf, terwijl Bloustein privacy wel als een finaal goed, als een intrinsieke waarde beschouwt. Zijn argumentatie tegen de economische theorie van privacy is tweeledig. Ten eerste komt de theorie niet overeen met de werkelijkheid.8 Natuurlijk houden mensen soms informatie geheim of proberen zij anderen te manipuleren of te misleiden, maar veel informatie wordt vrijwillig gedeeld. Met sommige vrienden en familieleden en een geliefde wordt zelfs vrijwel alles gedeeld. Daarnaast wordt in het huidige tijdperk door veel personen informatie via het internet verspreid. Het is dus feitelijk onjuist om te stellen dat mensen altijd informatie geheim houden voor economisch gewin. Ten tweede is het recht op geheimhouding van informatie slechts één deel van het omvangrijkere begrip privacy.9 De geheimhouding van informatie speelt een rol bij privacy, maar daarmee zou de burger die optimaal van het recht op respect voor privacy geniet een kluizenaar zijn. Het recht op respect voor privacy is niet alleen een recht op geheimen of een recht op eenzaamheid. Het recht wordt onder andere ook gebruikt om eigen, creatieve gedachten te uiten, om sociale, emotionele en intieme relaties aan te gaan, om zelfbewustzijn te ontwikkelen. De economische theorie kan die onderdelen niet meewegen, omdat een (exacte) waarde daarvan niet is aan te geven. En ook bij deze theorie komt de tegenstelling tussen geheimhoudings- en persoonlijkheidsvisies op privacy duidelijk terug.