Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/6.2.3.1
6.2.3.1 Algemeen
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS390098:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 6, p. 14-15 (NV II).
HR 20 oktober 1995, NJ 1996, 120, m.nt. Ma (Perrier/Marceau) en Hof ’s-Gravenhage 22 mei 2008,LJN BD2349, JOR 2008, 223 (Verhoeff c.s./KPNQwest).
Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 3, p. 77-78 (MvT) en Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 6, p. 14 (NV II).
Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 3, p. 114 (MvT) en Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 6, p. 14 (NV II). Uitgaande van de Wet van 18 juni 2012 tot wijziging van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de aanpassing van het recht van enquête (Kamerstukken 32 887, Stb. 2012, 274). Deze wet zal inwe king treden op 1 januari 2013 (Stb. 2012, 305). Bij een BV met een geplaatst kapitaal van meer dan € 22,5 miljoen geldt op grond van art. 2:346 lid 1 sub c (nieuw) BW een percentage van één procent.
Zie echter paragraaf 6.2.3.13.
Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 6, p. 15 (NV II). De uitkoopregeling staat ook niet open voor houders van certificaten van aandelen, zie Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 6, p. 41 (NV II).
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend. De stemrechtloze aandeelhouder heeft in beginsel geen voorkeursrecht ex art. 2:206a BW. Ik verwijs naar paragraaf 6.2.3.5.
Tenzij de instemming van de stemrechtloze aandeelhouder op grond van art. 2:208 lid 2, 3 of 4 BW is vereist.
Tenzij de bevoegdheid tot bestemming van de winst aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij sprake is van een situatie als bedoeld in art. 2:231 lid 4 BW.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Tenzij de bevoegdheid daartoe aan de vergadering van houders van stemrechtloze aandelen is toegekend.
Kamerstukken II 2011/12, 32 426, nr. 26, p. 2-3. Aan de vergadering van stemrechtloze aandeelhouders kunnen immers bijzondere bevoegdheden zijn toegekend, zoals de benoeming van een bestuurder of commissaris of een recht van instructie, zie Kamerstukken II 2009/2010, 32 426, nr. 3, p. 30 (MvT).
Zie over art. 2:192 BW en de wijzigingen in een eerder ontwerp van dat artikel: Van Veen 2007, p. 950 e.v. en Van Veen 2009, p. 467 e.v., en de in die bijdragen aangehaalde literatuur.
Daarbij is geen sprake van besluitvorming of het uitoefenen van stemrecht. Bij de invoering van een statutaire verplichting zal aan de stemrechtloze aandeelhouder moeten worden gevraagd of hij met de invoering instemt. Zie Kamerstukken I 2011/12, 31 058 en 32 426, nr. C, p. 19 (MvA I).
Kamerstukken II 2008/09, 31 058, nr. 3, p. 45 (MvT).
In paragraaf 3.7.3 besprak ik, onder verwijzing naar Bijlage 1, de aan gewone aandelen verbonden rechten. Er kan een onderverdeling worden gemaakt in aan een individuele aandeelhouder toekomende rechten, aan groepen van aandeelhouders toekomende rechten en aan de algemene vergadering toekomende rechten. Toegespitst op de stemrechtloze aandeelhouder ziet deze onderverdeling er als volgt uit:
Rechten van de individuele, stemrechtloze aandeelhouder
BW Boek 2 art.
1.
het instellen van een vordering tot vernietiging van besluiten van een orgaan van de vennootschap
15
2.
het recht op het liquidatiesaldo na ontbinding en vereffening van de vennootschap
23b
3.
het recht op inzage in de boeken en bescheiden en andere gegevensdragers van de BV na haar ontbinding
24 lid 4
4.
het recht ingeschreven te worden in het aandeelhoudersregister
194 lid 1
5.
het recht om niet een uittreksel uit het aandeelhoudersregister te verkrijgen met betrekking tot zijn recht op aandeel
194 lid 4
6.
het recht van inzage in het aandeelhoudersregister
194 lid 5
7.
het recht op gelijke behandeling
201 lid 2
8.
het recht op inzage in de beschrijving van de inbreng op aandelen anders dan in geld bij gelegenheid van de oprichting
204a lid 1
9.
het recht op inzage in de beschrijving van de inbreng op aandelen anders dan in geld na oprichting
204b lid 1
10.
het recht de opgemaakte rekening, het jaarverslag en de in art. 2:392 lid 1 BW genoemde gegevens te kunnen inzien en het recht op een kosteloos afschrift van deze stukken
212
11.
het recht op uitkeringen, waaronder dividend
216
12.
het verkrijgen van inlichtingen tijdens de algemene vergadering
217 lid 2
13.
het recht de voorzieningenrechter te verzoeken te worden gemachtigd er toe over te gaan om de bij art. 2:218 BW of de statuten voorgeschreven algemene vergadering te doen houden, indien zij die krachtens art. 2:219 BW tot de bijeenroeping bevoegd zijn in gebreke zijn gebleven
222 jo. 220 lid 1
14.
het recht door middel van een oproepingsbrief te worden opgeroepen voor de algemene vergadering
223 lid 1
15.
het recht – indien de aandeelhouder hiermee instemt – langs elektronische weg te worden opgeroepen voor de algemene vergadering, tenzij de statuten anders bepalen
223 lid 2
16.
het instemmingsrecht dat besluitvorming plaatsvindt ten aanzien van onderwerpen waarvan de behandeling niet bij de oproeping is aangekondigd met inachtneming van de oproepingstermijn
224 lid 2
17.
het recht van instemming dat besluitvorming plaatsvindt, omdat de oproeping of de wettelijke termijn van oproeping van acht dagen niet in acht is genomen
225
18.
het recht van instemming ten aanzien van een besluit tot statutenwijziging, waarbij (na oprichting van de BV) een statutaire plaats buiten Nederland voor het houden van een algemene vergadering wordt aangewezen
226 lid 2
19.
het recht van instemming de algemene vergadering op een andere plaats te houden dan statutair voorgeschreven is
226 lid 3
20.
het bijwonen van de algemene vergadering en daarin het woord voeren (vergaderrecht)
227
21.
het recht zich te doen vertegenwoordigen door een advocaat, notaris, registeraccountant of accountantadministratieconsulent
227 lid 5
22.
het recht op (i) inzage in de aantekeningen die het bestuur houdt van de besluiten in de algemene vergadering en (ii) een afschrift hiervan tegen ten hoogste de kostprijs
230 lid 4
23.
het recht om kosteloos een afschrift te krijgen van het voorstel tot wijziging van de statuten
233 lid 3
24.
het recht om kosteloos een afschrift te krijgen van het voorstel tot vermindering van het geplaatste kapitaal
208 lid 5 jo. 233 lid 3
25
het recht van instemming indien de besluitvorming van aandeelhouders op een andere wijze dan in een vergadering geschiedt
238 lid 1
26.
het instellen van de vordering tot uitstoting
336 jo. 24d lid 21
27.
het instellen van de vordering tot uittreding
343
28.
het indienen van een verzoek tot een voorlopig getuigenverhoor2
29.
het recht op inzage in en een kosteloos afschrift van stukken die in verband met een juridische fusie of een juridische splitsing ten kantore van de vennootschap zijn neergelegd
314 lid 2 en 334h lid 2
30.
het instellen van een vordering tot nakoming jegens de vennootschap van de plicht een accountant opdracht te verlenen tot onderzoek van de jaarrekening
393 lid 8 jo. lid 1
31.
het recht op inzage in of een afschrift van een beperkte balans en toelichting, indien de vennootschap geen winst beoogt
396 lid 8 jo. lid 9
Rechten die aan een of meer stemrechtloze aandeelhouders toekomen
BW Boek 2 art.
1.
het bijeenroepen van een buitengewone algemene vergadering na machtiging daartoe door de voorzieningenrechter door een of meer aandeelhouders die gezamenlijk ten minste een honderdste van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen
220 jo. 24d lid 23
2.
het recht schriftelijk de behandeling van een bepaald onderwerp in de algemene vergadering te verzoeken door een of meer aandeelhouders die gezamenlijk ten minste een honderdste van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen
224a jo. 24d lid 2
3.
het instellen van de vordering tot overdracht van de aandelen jegens een mede-aandeelhouder indien die medeaandeelhouder het belang van de vennootschap schaadt
336 jo. 2:24d lid 2
4.
het indienen van een enquêteverzoek ex art. 2:345 BW bij een BV met een geplaatst kapitaal van maximaal € 22,5 miljoen door een of meer aandeelhouders die alleen of gezamenlijk ten minste een tiende gedeelte van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen of rechthebbenden zijn op een bedrag van aandelen daarvan tot een nominale waarde van € 225.000 of zoveel minder als de statuten bepalen
346 lid 1 sub b jo. 2:24d lid 24
Rechten van de algemene vergadering die de stemrechtloze aandeelhouder vanwege het ontbreken van het aan zijn aandeel verbonden stemrecht of anderszins niet toekomen
BW Boek 2 art.
1.
het besluiten tot omzetting in een andere rechtsvorm
18 jo. 181 lid 55
2.
het besluiten tot ontbinden van de vennootschap
19 lid 1 sub a
3.
het recht van uitkoop
201a lid 16
4.
het besluiten tot een emissie van aandelen
2067
5.
het besluiten tot kapitaalvermindering
208 lid 18
6.
het jaarlijks vaststellen van de jaarrekening
210 lid 3
7.
het bestemmen van de winst
2169
8.
het besluiten tot het wijzigen van de statuten
23110
9.
het geven van aanwijzingen (instructiebevoegdheid)
23911
10.
het benoemen van bestuurders
24212
11.
het schorsen en ontslaan van bestuurders
24413
12.
het vaststellen van de bezoldiging van bestuurders
24514
13.
het benoemen van commissarissen
25215
14.
het schorsen en ontslaan van commissarissen
25416
15.
het vaststellen van de bezoldiging van commissarissen
255
16.
het besluiten tot fusie of splitsing. Er is een goedkeurend groepsbesluit vereist van de houders van stemrechtloze aandelen aan wier rechten de fusie of splitsing afbreuk doet (zie art. 2:330 lid 2 en 2:334ee lid 2 BW).17
317 en 334m
Niettemin hebben deze besluiten invloed op de positie van de stemrechtloze aandeelhouder. Daarom heeft de wetgever in de flex-BV de stemrechtloze aandeelhouder in een aantal gevallen bijzondere rechten toegekend, althans een aparte regeling ter bescherming van de positie van de stemrechtloze aandeelhouder getroffen. Ik kom daarop in paragraaf 6.2.3.6 terug.
Daarnaast is de geschillenregeling aangepast. De aandeelhouder heeft ex art. 2:343 BW een recht op uittreding. De vordering daartoe kan ook worden ingesteld tegen de vennootschap op grond van gedragingen van één of meer medeaandeelhouders of van de vennootschap zelf. Ik kom op de geschillenregeling in paragraaf 8.9 terug.
Ik noem volledigheidshalve art. 2:192 BW met betrekking tot statutaire verplichtingen of eisen,18waarvan het eerste lid bepaalt dat de statuten met betrekking tot alle aandelen of aandelen van een bepaalde soort of aanduiding kunnen (i) bepalen dat verplichtingen van verbintenisrechtelijke aard, jegens de vennootschap of derden of tussen aandeelhouders, aan het aandeelhouderschap zijn verbonden, (ii) eisen verbinden aan het aandeelhouderschap en (iii) bepalen dat de aandeelhouder in gevallen, in de statuten omschreven, gehouden is zijn aandelen of een deel daarvan aan te bieden en over te dragen. Deze verplichtingen of eisen kunnen niet, ook niet onder voorwaarde of tijdsbepaling, tegen de wil van de aandeelhouder worden opgelegd. Art. 2:192 BW schept aldus de mogelijkheid verplichtingen van aandeelhouders in de flex-BV ook statutair te regelen in plaats van enkel in een aandeelhoudersovereenkomst. Uit de laatste volzin volgt dat de aandeelhouder zich aan art. 2:192 lid 1 BW kan onttrekken. Dat wil zeggen dat hij een recht van instemming heeft.19 Ten aanzien van hem geldt de nieuwe, statutaire regeling op grond van het artikel, indien hij niet instemt, niet; hij is persoonsgebonden niet-gebonden. Bovendien geldt geen unanimiteitsvereiste.20 Op art. 2:192 BW kom ik in paragraaf 6.2.3.9 terug.