De intrekking van beschikkingen, mede in Europees en rechtsvergelijkend perspectief
Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.18.4.5:IV.18.4.5 Intrekking met terugwerkende kracht
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/IV.18.4.5
IV.18.4.5 Intrekking met terugwerkende kracht
Documentgegevens:
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS377676:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Sinds 1996 maakt § 49 lid 3 VwVfG het mogelijk dat de intrekking met terugwerkende kracht plaatsvindt. Voor die tijd was het niet mogelijk om een rechtmatige beschikking op grond van § 49 VwVfG met terugwerkende kracht in te trekken.1 § 49 VwVfG voorzag enkel in de mogelijkheid van intrekking ex nunc.2 Een en ander werd onwenselijk geacht, omdat daardoor verleende rechtmatige Leistungen niet konden worden ingetrokken en teruggevorderd.3 Immers, het niet handelen conform het in de beschikking bepaalde doel, leidt niet tot onrechtmatigheid van de beschikking met de mogelijkheid van intrekking ex tunc op grond van § 48 VwVfG.4 Stel dat op 1 januari 1994 een subsidie wordt verleend voor de exploitatie van een zwembad. Een van de voorwaarden is dat de middelbare scholen in de omgeving van het zwembad gebruik mogen maken voor het schoolzwemmen. Met ingang van het schooljaar 1994/1995 besluit de exploitant dat schoolzwemmen niet meer is toegestaan in het zwembad. Pas in april 1995 raakt de subsidieverlenende autoriteit daarvan op de hoogte. Er wordt besloten de subsidie in te trekken, omdat de exploitant zich niet houdt aan een van de voorwaarden die aan de subsidie is verbonden. Voor de hiervoor besproken wetswijziging kon de subsidie enkel ex nunc worden ingetrokken, dat wil zeggen met ingang van het moment waarop de bevoegde autoriteit ontdekt dat niet in overeenstemming met de subsidievoorwaarden wordt gehandeld. Het was dus niet mogelijk om de subsidie in te trekken met ingang van het schooljaar 1994/1995, zijnde het moment waarop niet meer aan de subsidievoorwaarde werd voldaan. Op grond van het huidige § 49 lid 3 VwVfG is een intrekking ex tunc wel mogelijk.