De intrekking van beschikkingen, mede in Europees en rechtsvergelijkend perspectief
Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/V.21.3.1:V.21.3.1 De reikwijdte van de regeling
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/V.21.3.1
V.21.3.1 De reikwijdte van de regeling
Documentgegevens:
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS376537:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kamerstukken II 1988/89, 21221, nr. 3, p. 15. Zie voorts paragraaf 1.1.1.
Vgl. Kamerstukken II 1988/89, nr. 3, p. 13-14.
Zie hierover paragraaf 5.1.4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een regeling inzake intrekking zou betrekking moeten hebben op de beschikking als bedoeld in art. 1:3 lid 2 Awb, meer specifiek positieve beschikkingen als bedoeld in deze bepaling. Een en ander sluit aan bij de opvatting van de wetgever, die de figuur van de beschikking zag als een centrale figuur in het bestuursrecht.1 De bedoeling van de Commissie Warb was destijds eveneens om een regeling inzake intrekking op te nemen in hoofdstuk 4 van de Awb, waarin de figuur van de beschikking is geregeld.2 Voorts betreft het intrekken van andere besluiten dan beschikkingen, bijvoorbeeld algemeen verbindende voorschriften, een geheel andere materie. Een vergelijking kan bovendien worden gemaakt met de intrekkingsregeling zoals deze is neergelegd in het Duitse Verwaltungsverfahrensgesetz. Deze regeling is eveneens beperkt tot Verwaltungsakten, een figuur die overeenkomsten vertoont met de beschikking zoals wij die kennen.
Hoewel vooral de intrekking van begunstigende beschikkingen leidt tot complicaties in het licht van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zou een regeling inzake intrekking, wil deze volledig zijn, mijns inziens moeten zien op zowel begunstigende als belastende beschikkingen. Immers, ook de intrekking van belastende beschikkingen kan problematisch zijn, bijvoorbeeld omdat daarbij belangen van derden in het geding kunnen zijn.3 Een voorbeeld kan worden gevonden in de Duitse regeling, waarin ook de intrekking van belastende beschikkingen is geregeld. Op grond van deze regeling dient steeds een belangenafweging te worden gemaakt, zodat per geval recht kan worden gedaan aan bijvoorbeeld de belangen van derden, en, evenals bij de intrekking van begunstigende beschikkingen, het algemeen belang. Daarnaast wordt in § 49 VwVfG een duidelijke koppeling gemaakt naar de bijzondere wet, in die zin dat intrekking van een belastende beschikking niet kan plaatsvinden wanneer de bijzondere wet dit niet toestaat. Ook de bijzondere wet kan immers aan de intrekking van een belastende beschikking in de weg staan.