De huur van ongebouwde onroerende zaken: een leemte in de wet
Einde inhoudsopgave
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/6.2:6.2 Duur
De huur van ongebouwde onroerende zaken (R&P nr. VG8) 2017/6.2
6.2 Duur
Documentgegevens:
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar, datum 26-04-2016
- Datum
26-04-2016
- Auteur
mr. E.H.M. Swaneveld-Bakelaar
- JCDI
JCDI:ADS378906:1
- Vakgebied(en)
Huurrecht / Bijzondere onderwerpen
Huurrecht / Verplichtingen huurder en verhuurder
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De duur van de huurovereenkomst is voor de huurder vaak van essentieel belang. Welk doel de huurder ook heeft met het gehuurde, hij zal zeker willen zijn dat hij voldoende tijd heeft om dat doel te bereiken. Zo heeft de huurder die een perceel huurt om daar een (eigen) recreatiewoning op te plaatsen er belang bij om zijn standplaats ten minste zo lang te kunnen huren dat de plaatsingskosten opwegen tegen het genot dat hij gedurende een bepaalde tijd van de grond heeft. Een huurder die de ongebouwde onroerende zaak bedrijfsmatig gebruikt, heeft er belang bij om de door hem te plegen investeringen terug te verdienen en daarbij ook zijn bedrijfsplannen te kunnen uitvoeren. De investeringen die een huurder pleegt in een gehuurde ongebouwde onroerende zaak, kunnen uiteenlopen. Te denken valt aan een simpele afrastering, maar ook aan het realiseren van een volledige bedrijfsruimte op kosten van de huurder.
In deze paragraaf ga ik in op de gevolgen van het ontbreken van een wettelijke minimumduur bij de huur van een ongebouwde onroerende zaak. Ik ga daarbij in op twee verschillende situaties:
De huurder die de onroerende zaak ongebouwd laat en het gehuurde bedrijfsmatig gebruikt;
De huurder die de onroerende zaak zelf bebouwt.
6.2.1 Bedrijfsmatig gebruik van de ongebouwde onroerende zaak6.2.2 Zelf bebouwen en onderhuur6.2.3 Conclusie