De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV
Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/6.5.3.5:6.5.3.5 Het vergaderrecht
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/6.5.3.5
6.5.3.5 Het vergaderrecht
Documentgegevens:
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS382896:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Blanco Fernández & Schwarz 1992, p. 290; Van der Grinten 1991, p. 126 en Eisma 1991, p. 32.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De houder van een participatiebewijs komt niet het wettelijk vergaderrecht ex art. 2:227 BW toe. Uit de tekst van art. 2:227 BW en de parlementaire geschiedenis blijkt niet dat ook aan anderen dan de in art. 2:227 BW genoemden bij de statuten vergaderrecht kan worden toegekend. Dat neemt niet weg dat de heersende opvatting in de literatuur onder het oude recht was dat aan de houder van een participatiebewijs vergaderrecht bij de statuten en bij overeenkomst kan worden toegekend.1 Voor de flex-BV geldt dat mijns inziens ook. Het ligt echter niet voor de hand de houder van een participatiebewijs, althans aan het participatiebewijs, vergaderrecht toe te kennen. Aan het wettelijk vergaderrecht ex art. 2:227 BW zijn immers tal van andere rechten gekoppeld. Ik verwijs naar het overzicht in paragraaf 6.3.3.1 ten aanzien van de certificaathouder met vergaderrecht. Het participatiebewijs met vergaderrecht vertoont in dat geval grote gelijkenis met het stemrechtloze aandeel en het certificaat met vergaderrecht. Indien niettemin aan (de houder van) een participatiebewijs vergaderrecht wordt toegekend, pleit ik voor zijn opname in het aandeelhoudersregister. Ik verwijs naar paragraaf 4.11.