De intrekking van beschikkingen, mede in Europees en rechtsvergelijkend perspectief
Einde inhoudsopgave
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/II.5.1.2.1:II.5.1.2.1 Object van begunstiging of belasting
De intrekking van beschikkingen (SteR nr. 29) 2016/II.5.1.2.1
II.5.1.2.1 Object van begunstiging of belasting
Documentgegevens:
B. de Kam, datum 01-03-2016
- Datum
01-03-2016
- Auteur
B. de Kam
- JCDI
JCDI:ADS378936:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Europees bestuursrecht
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursrecht algemeen / Bestuursbevoegdheden
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld artikel 2.1 lid 1 aanhef Wabo.
Artikel 5.1 Besluit omgevingsrecht (Bor).
Dieperink 2003, p. 53 en Den Ouden 2010, p. 691.
Vgl. art. 25a lid 2 aanhef en onder b DHw.
Vgl. Damen 1975, p. 90: ‘Een vergunning kan meer of minder gunstig zijn, zij behoudt in beginsel haar begunstigend karakter en wordt niet belastend door zware voorwaarden.’
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Allereerst de vraag wat een beschikking (op zichzelf) nu precies begunstigend dan wel belastend maakt. Een beschikking wordt aangemerkt als begunstigend wanneer deze rechten of aanspraken verschaft, dan wel een opgelegde last wordt opgeheven of verminderd. Een voorbeeld van een begunstigende beschikking is een vergunning. Bij een vergunningstelsel geldt een verbod tot het uitvoeren van een bepaalde activiteit. Uitzonderingen op dit verbod worden gemaakt door middel van verlening van een vergunning.1 Wanneer een vergunning wordt verleend, wordt het verbod opgeheven en mag de activiteit worden uitgevoerd. Een aanspraak ontstaat bijvoorbeeld wanneer een subsidie wordt verleend. Van het opheffen van een last is bijvoorbeeld sprake wanneer een last onder dwangsom wordt ingetrokken. Een beschikking is belastend wanneer een last wordt opgelegd dan wel een begunstiging wordt beëindigd. Bij het opleggen van een last zijn de meest voor de hand liggende voorbeelden de last onder dwangsom en de last onder bestuursdwang. Er kan echter ook worden gedacht aan het moeten betalen van belasting of een boete. Bij het beëindigen van een begunstiging kan worden gedacht aan de intrekking van een begunstigende beschikking, bijvoorbeeld een vergunning.
Naast de beschikking zelf als object van begunstiging of belasting, kan ook worden gekeken naar de aan de beschikking verbonden voorschriften. Deze voorschriften kunnen, evenals de beschikking zelf, verschillend van aard zijn. Van een begunstigend voorschrift is bijvoorbeeld sprake wanneer in een belastingaanslag is bepaald dat het bedrag niet ineens, maar in termijnen mag worden betaald. Wanneer aan een omgevingsvergunning om een seizoensgebonden bouwwerk te bouwen het voorschrift wordt verbonden dat het bouwwerk binnen een bepaalde tijd opgericht, gebruikt en weer gesloopt moet worden,2 kan worden gesproken van een belastend voorschrift. Er worden immers verplichtingen opgelegd inzake de periode waarin de bouw dient te geschieden.
In het voorgaande is onderscheid gemaakt tussen het karakter van de beschikking op zich en de aan de beschikking verbonden voorschriften. Echter, een beschikking vormt voor de geadresseerde altijd een geheel van de beschikking op zichzelf met daaraan (eventueel) verbonden voorschriften. De vraag kan worden gesteld hoe een beschikking gekwalificeerd dient te worden die op zichzelf begunstigend is, maar waaraan belastende voorschriften zijn verbonden. Er is dan tenslotte sprake van zowel begunstigende als belastende elementen. In de literatuur wordt in dit kader wel gesproken over in hoofdzaak begunstigende en in hoofdzaak belastende beschikkingen.3 Stel dat aan de exploitant van bar X een vergunning op grond van de Drank- en horecawet wordt verleend. Deze vergunning is voor de exploitant begunstigend: hij wordt hiermee immers gerechtigd het horecabedrijf uit te oefenen.4 Wanneer de vergunning echter wordt verleend onder de beperking dat slechts zwak-alcoholhoudende drank mag worden geschonden,5 is sprake van een belastend voorschrift. De geadresseerde wordt immers beperkt in de soorten alcohol die hij mag schenken. Hoewel de voorwaarde op zichzelf belastend is, verandert dit niets aan het feit dat de DHw-vergunning (in haar geheel) een begunstigende beschikking is. De exploitant is immers bevoegd om alcoholhoudende dranken te schenken. Er is derhalve sprake van een in hoofdzaak begunstigende beschikking.6
In dit boek wordt bij de in de literatuur gehanteerde terminologie aangesloten. Wanneer wordt gesproken over een begunstigende beschikking wordt bedoeld een in hoofdzaak begunstigende beschikking. Wordt gesproken over een belastende beschikking, dan wordt bedoeld een in hoofdzaak belastende beschikking.