Einde inhoudsopgave
Rechten van polishouders bij portefeuilleoverdracht, juridische fusie en juridische splitsing door verzekeraars (O&R nr. 148) 2024/2.2.11.4
2.2.11.4 De overdracht door een verzekeraar met beperkte risico-omvang aan een andere verzekeraar
mr. A.M.M. Menken, datum 01-01-2024
- Datum
01-01-2024
- Auteur
mr. A.M.M. Menken
- JCDI
JCDI:ADS949861:1
- Vakgebied(en)
Verzekeringsrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Art. 1:1 Wft definieert een “aangewezen staat” als “een staat die op grond van deze wet is aangewezen als staat waar toezicht wordt uitgeoefend op afwikkelondernemingen, beleggingsinstellingen, clearinginstellingen, natura-uitvaartverzekeraars onderscheidenlijk wisselinstellingen dat in voldoende mate waarborgen biedt ten aanzien van de belangen die deze wet beoogt te beschermen”. De Jong, in: T&C Verzekeringsrecht, art. 2:54 Wft, aant. 2 merkt op dat er op dit moment geen staten aangewezen zijn als staat waar adequaat toezicht wordt uitgeoefend op verzekeraars met beperkte risico-omvang. Die stelling lijkt mij gelet op de tekst van het Besluit aangewezen staten Wft correct.
Paragraaf 3.5.1a.4 had vóór 1 januari 2016 alleen betrekking op natura-uitvaartverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat (art. 3:131 en art. 3:131a Wft). Natura-uitvaartverzekeraars zijn één van de drie categorieën van verzekeraars met beperkte risico-omvang. Vanaf 1 januari 2016 had paragraaf 3.5.1a.4 (vanaf dat moment: art. 3:130-3:131b Wft) betrekking op alle verzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat. In de Wft gingen door de Wet implementatie Omnibus II-richtlijn dus bepaalde paragrafen die alleen betrekking hadden op natura-uitvaartverzekeraars voortaan betrekking hebben op alle verzekeraars met beperkte risico-omvang. Dit is een voorbeeld van zo’n paragraaf. Het per 1 september 2009 in verband met de Wet van 3 juli 2008 m.b.t. herverzekering vervallen art. 3:130 Wft dat daarvoor nog bij paragraaf 3 had gehoord, ging nu bij paragraaf 4 horen en werd een artikel over levensverzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat. Het oude artikel 3:131 Wft over natura-uitvaartverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat bleef bestaan. Na dat artikel kwam een nieuw artikel 3:131a Wft met betrekking tot schadeverzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat. Het oude artikel 3:131a Wft, waarin een overdracht van rechten en verplichtingen uit alle natura-uitvaartverzekeringen door natura-uitvaartverzekeraars met zetel in een niet-aangewezen staat werd gelijkgesteld met de overgang van deze rechten en verplichtingen uit juridische fusie en juridische splitsing, werd hernummerd in een nieuw artikel 3:131b Wft. Dit artikel regelde de gelijkstelling van de portefeuilleoverdracht met een juridische fusie en juridische splitsing in een dergelijke situatie voor alle verzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat.
Regeling van De Nederlandsche Bank N.V. van 7 januari 2016 houdende regels met betrekking tot het prudentieel toezicht op verzekeraars met beperkte risico-omvang (Regeling prudentieel toezicht verzekeraars met beperkte risico-omvang), Staatscourant 2016, nr. 1432.
Een verzekeraar met beperkte risico-omvang met zetel in Nederland die zijn verzekeringsportefeuille wil overdragen, moet gewoon alle voorschriften beschreven in art. 3:112-3:121 Wft (paragraaf 3.5.1a.1 “Verzekeraars met zetel in Nederland”) volgen.
Deze artikelen bleven betrekking houden op “een levensverzekeraar”, “een natura-uitvaartverzekeraar” en een “schadeverzekeraar”. Anders gezegd, al deze artikelen hebben zowel betrekking op een portefeuilleoverdracht door een verzekeraar met beperkte-risico-omvang, als op een portefeuilleoverdracht door verzekeraars niet zijnde een verzekeraar met beperkte risico-omvang, met zetel in Nederland.
Dat is anders voor het bepaalde in paragraaf 3.5.1a.2 “Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een andere lidstaat” (art. 3:122-3:125 Wft). Deze artikelen hebben sinds 1 januari 2016 geen betrekking meer op de levensverzekeraar en de schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang. Ook in paragraaf 3.5.1a.3 “Levensverzekeraars en schadeverzekeraars met zetel in een staat die geen lidstaat is” (art. 3:126-3:129 Wft) werden verzekeraars met beperkte risico-omvang uitgezonderd.
De regeling voor portefeuilleoverdracht door verzekeraars met beperkte risico-omvang met zetel in een niet-aangewezen staat werd opgenomen in paragraaf 3.5.1a.4.1 De daarin opgenomen bepalingen regelen wanneer voor het overdragen van rechten en verplichtingen uit verzekering de instemming van DNB noodzakelijk is.2
Ten slotte nog een opmerking. In de Regeling prudentieel toezicht verzekeraars met beperkte risico-omvang3 staan geen bepalingen die nadere invulling geven aan de vereisten van een portefeuilleoverdracht door een verzekeraar met beperkte risico-omvang. Deze regeling gaat voornamelijk over de wijze waarop verzekeraars met beperkte risico-omvang aan bepaalde rapportagevereisten moeten voldoen.