De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen
Einde inhoudsopgave
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/2.7.1:2.7.1 Grenzen aan de uitoefening van aandeelhoudersrechten in Nederland
De positie van aandeelhouders bij preventieve herstructureringen (VDHI nr. 163) 2020/2.7.1
2.7.1 Grenzen aan de uitoefening van aandeelhoudersrechten in Nederland
Documentgegevens:
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen, datum 02-02-2020
- Datum
02-02-2020
- Auteur
mr. S.C.E.F. Moulen Janssen
- JCDI
JCDI:ADS197876:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
‘Het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming’ komt her en der in Boek 2 BW voor.1 Het vennootschappelijk belang is een in de wet opgenomen richtsnoer voor het bestuur en de raad van commissarissen bij hun taakuitoefening.2 Onder omstandigheden mogen aandeelhouders niet hun eigen belang nastreven bij de uitoefening van hun aandeelhoudersrechten maar moeten ook zij rekening houden met het vennootschappelijk belang (en/of de belangen van medeaandeelhouders of andere stakeholders). Dit staat voor aandeelhouders niet met die bewoordingen in de wet, maar vloeit voort uit de redelijkheid en billijkheid. Voordat de belangrijkste omstandigheden aan bod komen waarbij een individuele aandeelhouder (par. 2.7.1.2) of de algemene vergadering (par. 2.7.1.3) niet enkel zijn/haar eigen belang mag nastreven, is het relevant uiteen te zetten wat in Nederland onder het begrip vennootschappelijk belang wordt verstaan.
2.7.1.1 Inhoud van het vennootschappelijk belang2.7.1.2 Individuele aandeelhouders en het vennootschappelijk belang2.7.1.3 De algemene vergadering en het vennootschappelijk belang2.7.1.4 Tussenconclusie