Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer
Einde inhoudsopgave
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/14.4.3.3:14.4.3.3 Samenloop met regelingen in het testament.
Scheiding van zeggenschap en belang in de familiesfeer (FM nr. 162) 2020/14.4.3.3
14.4.3.3 Samenloop met regelingen in het testament.
Documentgegevens:
Mr. dr. A.E. de Leeuw, datum 29-02-2020
- Datum
29-02-2020
- Auteur
Mr. dr. A.E. de Leeuw
- JCDI
JCDI:ADS232826:1
- Vakgebied(en)
Vermogensbelasting (V)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Wel is de vraag of de inbreng van het vermogen in het APV in strijd kan komen met de legitieme portie. Dit wordt besproken in paragraaf 8.6.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In deze paragraaf zal ik kort ingaan op de verhouding tussen de regelingen die de inbrenger in zijn testament getroffen heeft en het in het APV ingebrachte vermogen. Vooropgesteld zij daarbij dat het APV-vermogen niet langer eigendom van de inbrenger is en dat dit dus ook geen deel uitmaakt van de nalatenschap van de inbrenger. De bepalingen uit diens testament zijn daarmee niet van toepassing op het APV-vermogen.1
Bij de toerekening van het APV-vermogen en de fictieve vererving daarvan op grond van artikel 16 SW wordt daarentegen aangeknoopt bij ieders omvang van de verkrijging krachtens erfrecht, zonder dat daarbij gekeken wordt naar de aard van de verkrijging. Dit verschil in uitgangspunt kan tot merkwaardige effecten leiden, hetgeen ik zal illustreren aan de hand van een korte bespreking van een aantal veel voorkomende testamentsvormen. Ter vergelijking ga ik allereerst in op de situatie dat de inbrenger zonder testament overlijdt.
Bij het onderstaande ga ik steeds uit van de volgende casus. Inbrenger X is gehuwd met Y, onder huwelijkse voorwaarden inhoudende een koude uitsluiting. Het vermogen van X bedraagt € 3 miljoen. Voorts is € 12 miljoen ingebracht in APV Z. Begunstigden van het APV zijn X en zijn afstammelingen, alsmede Y. Er zijn twee kinderen, A en B. Op het moment dat X overlijdt is Y 62 jaar oud.
14.4.3.3.1 Wettelijke verdeling14.4.3.3.2 Vruchtgebruiktestament14.4.3.3.3 Keuzelegaat tegen inbreng14.4.3.3.4 Tweetrapsmaking14.4.3.3.5 Conclusie