Betrouwbaar getuigenbewijs
Einde inhoudsopgave
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/11.2.0:11.2.0 Introductie
Betrouwbaar getuigenbewijs 2014/11.2.0
11.2.0 Introductie
Documentgegevens:
Mr. Dr. M.J. Dubelaar, datum 01-12-2013
- Datum
01-12-2013
- Auteur
Mr. Dr. M.J. Dubelaar
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie § 10.2.1.2.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Getuigen kunnen in verschillende fasen van het strafproces en door uiteenlopende personen worden verhoord. De normering van het verhoor is gekoppeld aan de status van de functionaris die het verhoor afneemt. Met andere woorden, voor het verhoor bij de politie gelden andere regels dan voor het verhoor door de rechter-commissaris. Door wie de getuige wordt gehoord, is mede afhankelijk van het moment waarop de getuige in beeld komt. Sommige getuigen zijn al direct bekend bij de politie, anderen komen pas veel later in het strafrechtelijk onderzoek naar voren. Het kan zijn dat de getuige pas op het onderzoek ter terechtzitting voor de eerste keer wordt gehoord, maar dat is de uitzondering op de regel. Het komt regelmatig voor dat getuigen meermalen worden gehoord, bijvoorbeeld eerst door de politie en vervolgens door de rechter-commissaris (al dan niet in bijzijn van de raadsman van de verdachte) of meermalen bij de politie door een en dezelfde persoon of door verschillende verhoorders.
Ook de functie en context van het verhoor verandert naargelang de procedure voortschrijdt. In de vroege fasen van het onderzoek heeft het verhoor vaak nog een relatief open karakter. De politie weet bijvoorbeeld nog niet precies waarnaar zij op zoek is, omdat nog niet duidelijk is wat precies is voorgevallen, of het voorgevallene een strafbaar feit oplevert en zo ja, welk. Echter, naarmate het onderzoek vordert zal een getuige meer gericht worden ondervraagd. Het verhoor wordt verder ingekaderd en verliest aan ‘openheid’. Het verhoor spitst zich verder toe op een specifieke toedracht en een concrete delictsomschrijving. Hoe verder in de procedure, hoe minder nieuwe informatie boven water komt en hoe meer – in geval van het meermalen horen van een en dezelfde getuige – wordt teruggekeken op eerder afgelegde verklaringen.
Dit past ook bij de ketengedachte, zoals die in de Nederlandse episodische procedure centraal staat, waarin telkens wordt voortgeborduurd op reeds eerder verkregen informatie. Er treedt daarmee een verenging op van de communicatie tijdens het verhoor naar de juridisch relevante aspecten.
Ook voor de getuige zelf wordt het kader steeds dwingender. In de vroege fase van het opsporingsonderzoek hoeft de getuige in beginsel nog niet aan het onderzoek mee te werken en te verklaren. Pas op het moment dat de rechter-commissaris bij het verhoor wordt betrokken, ontstaat voor de getuige een verplichting om te verschijnen en vragen te beantwoorden. De getuige dient in dat geval naar waarheid te verklaren.1 Het verhoor krijgt ook steeds meer een openbaar karakter. Bij het politieverhoor zijn in beginsel alleen de getuige en de verhorende politieambtenaar (of ambtenaren) aanwezig. Bij het getuigenverhoor door de rechter-commissaris moeten in beginsel ook de officier van justitie en de verdachte worden toegelaten, terwijl op het onderzoek ter terechtzitting volledige openbaarheid geldt en ook publiek aanwezig is (tenzij het onderzoek ter terechtzitting achter gesloten deuren plaatsvindt). In de volgende paragrafen wordt nader ingegaan op het verhoor bij de politie, in het kabinet van de rechter-commissaris en op het onderzoek ter terechtzitting.