Einde inhoudsopgave
Vastgoedtransacties in de Europese btw (FM nr. 169) 2021/5.9.2.3
5.9.2.3 Belang optie belaste levering voor de afnemer?
mr. dr. M.D.J. van der Wulp, datum 01-07-2021
- Datum
01-07-2021
- Auteur
mr. dr. M.D.J. van der Wulp
- JCDI
JCDI:ADS291211:1
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Belastingplichtige en -schuldige
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Omzetbelasting / Vrijstelling
Europees belastingrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
W.A.P. Nieuwenhuizen, 'Beschermingsartikel afgeschaft – onroerendgoedleverancier opgepast!', BTW-bulletin 2014/20, p. 8.
D.B. Bijl, De heffing van omzetbelasting ten aanzien van onroerend goed (diss.), Deventer: Kluwer 1990, p. 229, conclusie A-G Moltmaker 21 december 1990, nr. 25.867, BNB 1991/178, punt 4.6.2 en B.G. van Zadelhoff, Onroerende goederen en belasting over de toegevoegde waarde (diss.), Deventer: FED 1992, p. 272.
D.B. Bijl, De heffing van omzetbelasting ten aanzien van onroerend goed (diss.), Deventer: Kluwer 1990, 229.
D.B. Bijl, De heffing van omzetbelasting ten aanzien van onroerend goed (diss.), Deventer: Kluwer 1990, p. 392 en Van Zadelhoff, noot bij HR 28 juni 2000, nr. 35.465, BNB 2000/332.
Het opteren voor een belaste levering kan, zoals de vorige paragrafen laten zien, voor de leverancier voorkomen dat hij de genoten btw-aftrek deels moet terugbetalen of kan hem een aanvullende aftrek opleveren. Ook voor de aftrekgerechtigde afnemer is dit van belang, omdat hij hierdoor een lagere verkoopprijs betaalt.1 Het opteren voor een belaste levering heeft echter ook tot gevolg dat er – mits het oude gebouw voor de koper een onroerend investeringsgoed is (zie paragraaf 8.5.4.2) – voor de koper een nieuwe herzieningsperiode gaat gelden.2 Voor de vraag of de optie voor een belaste levering daadwerkelijk voordelig is, zal daarom een afweging plaats dienen te vinden tussen de gevolgen van de vrijgestelde levering van het gebouw (lees: het btw-bedrag dat de verkoper moet terugbetalen of niet kan terugkrijgen) en de gevolgen van de btw-heffing voor de koper.3 Bij deze afweging spelen – los van de beperkingen die lidstaten aan de optieregeling kunnen verbinden (zie paragraaf 5.9.4) – verschillende factoren een rol, zoals de mate waarin de koper het gebouw gaat gebruiken voor aftrekgerechtigde doeleinden, de kans dat (de mate van) het aftrekgerechtigde gebruik van gebouw door de koper tijdens de herzieningsperiode afneemt en de kans dat het gebouw binnen de herzieningsperiode door de koper vrijgesteld wordt geleverd.4 Hierbij dient in ogenschouw te worden genomen dat bij het opteren voor een belaste levering btw verschuldigd wordt over de gehele koopsom, terwijl het btw-bedrag dat de verkoper bij een vrijgestelde levering verschuldigd wordt of niet kan terugvragen veel lager kan zijn.5