Douanewaarde in een globaliserende wereld
Einde inhoudsopgave
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.3.6.3:10.3.6.3 Resale-pricemethode
Douanewaarde in een globaliserende wereld (FM nr. 164) 2021/10.3.6.3
10.3.6.3 Resale-pricemethode
Documentgegevens:
M.L. Schippers, datum 01-01-2021
- Datum
01-01-2021
- Auteur
M.L. Schippers
- JCDI
JCDI:ADS258411:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Algemeen
Accijns en verbruiksbelastingen / Algemeen
Douane (V)
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij de toepassing van de resale-pricemethode – die grote gelijkenissen toont met de aftrekmethode1 – wordt uitgegaan van de prijs waartegen een product dat is gekocht van een gelieerde onderneming, wordt doorverkocht aan een niet-gelieerde onderneming. Deze prijs wordt vervolgens gereduceerd met een passende brutowinst waaruit de wederverkoper zal trachten zijn verkoop- en andere exploitatiekosten goed te maken en met het oog op de vervulde functies (met inachtneming van de gebruikte activa en de gelopen risico's) een passende winst te behalen. De verrekenprijs wordt dus vastgesteld door de doorverkoopprijs (‘resale-price’) te verminderen met de passende brutowinst.
Om te bepalen of de brutowinst overeenkomstig het arm’s length-beginsel is vastgesteld, kan ofwel door een vergelijking te maken tussen de brutowinstmarge die behaald is met de intragroepstransactie en de brutowinstmarge behaald door onafhankelijke derden in vergelijkbare transacties onder vergelijkbare omstandigheden (externe resale-pricemarge) of met de behaalde brutowinstmarges op van onafhankelijke derden ingekochte goederen (interne resale-pricemarge). Net als bij de toepassing van de CUP-methode geldt dat sprake is van vergelijkbare transacties indien i) geen van de verschillen een materiële invloed heeft op de prijs die tot stand zou zijn gekomen op een open markt en ii) redelijk accurate aanpassingen gemaakt kunnen worden om de verschillen te mitigeren.
De resale-pricemethode kan het eenvoudigst worden vastgesteld indien de aangekochte goederen niet of nauwelijks worden bewerkt door de wederverkoper en laatstgenoemde de goederen binnen afzienbare tijd na de aankoop doorverkoopt aan een onafhankelijke derde. Uit de OESO-richtlijnen volgt dat de resale-pricemethode onder andere toepassing kan vinden bij de verkoop van halffabricaten en bulkgoederen. Ook wanneer in het kader van een onderzoek naar de omstandigheden van de verkoop algemene principes worden geabstraheerd uit de aftrekmethode, lijkt de CVA slechts bij exceptie toe te staan dat de aangekochte goederen na invoer worden bewerkt (onderdeel 8.3.6) en moeten de goederen binnen afzienbare tijd worden doorverkocht (onderdeel 8.3.4).
De resale-pricemethode lijkt ook in het kader van het onderzoek naar de omstandigheden van de verkoop te kunnen worden gebruikt gelet op Case Study 14.2 van de Technische commissie douanewaarde (onderdeel 10.4.2.3). In Case Study 14.2 waren de interne verrekenprijzen vastgesteld aan de hand van de resale-pricemethode, waarbij een vergelijkingsanalyse had plaatsgevonden aan de hand van de prijzen van acht onafhankelijke distribiteurs (extern vergelijkingsmateriaal). Aan het eind van het jaar had een verrekenprijsaanpassing moeten plaatsvinden. Nu de betrokken onderneming geen aanpassing had doorgevoerd, kwam de Technische commissie douanewaarde van de WDO tot de conclusie dat de prijs door de verbondenheid van partijen was beïnvloed. De keuze voor de verrekenprijsmethode leek niet aan de afwijzing van de transactie ten grondslag te liggen.
Indien de zakelijkheid van de interne verrekenprijzen aan de hand van de resale-pricemethode is gewaarborgd, kan de daaraan ten grondslag liggende verrekenprijsdocumentatie in aanmerking worden genomen voor het onderzoek naar de omstandigheden van de verkoop. Voor zover de voorwaarden voor de toepassing van de aftrekmethode als algemene principes kunnen worden opgevat, moeten de volgende verschillen tussen de aftrekmethode en de resale-pricemethode in aanmerking worden genomen en waar nodig moeten daarop aanpassingen plaatsvinden:2
Bij de toepassing van de aftrekmethode moeten gegevens over de in aftrek te brengen winst beschikbaar zijn in het douanegebied van de Europese Unie. Voor de toepassing van de resale-pricemethode geldt deze beperking niet.
De ingevoerde goederen moeten voor de toepassing van de aftrekmethode binnen een periode van 90 dagen worden doorverkocht (onderdeel 8.3.4), waar de OESO-richtlijnen aangeven dat de resale-pricemethode eenvoudiger toegepast kan worden indien de ingevoerde goederen binnen afzienbare tijd worden doorverkocht, wordt geen periode aangegeven waarbinnen de doorverkoop heeft moeten plaatsvinden.
Indien er verscheidene doorverkopen geïdentificeerd kunnen worden, wordt de prijs per eenheid waartegen de ingevoerde goederen of identieke of soortgelijke goederen in de grootste samengevoegde hoeveelheid zijn verkocht gebruikt om de douanewaarde vast te stellen in plaats van dat wordt aangesloten bij een (gewogen) gemiddelde. De resale-pricemethode daarentegen sluit aan bij een prijsrange en bij voorkeur een gemiddelde prijs.
Voor de toepassing van de resale-pricemethode vindt een analyse op de vervulde functies plaats (met inachtneming van de gebruikte activa en de gelopen risico's). Voor de aftrekmethode is het van belang om een douanewaarde vast te stellen door bepaalde kosten van de doorverkoopprijs in aftrek te brengen. Aan de andere kant, wanneer de prijselementen die in aftrek mogen worden gebracht worden bekeken (gewoonlijke commissie, gebruikelijke opslagen voor winst en algemene kosten), dan brengen de woorden ‘gewoonlijke’ en ‘gebruikelijke’ met zich dat ook een vergelijkingsanalyse wordt verricht naar wat andere partijen aan commissies in rekening brengen en welke winsten en algemene kosten zij bij verkopen behalen c.q. oplopen. In dat kader zal, net als bij de resale-pricemethode, op zoek moeten worden gegaan naar partijen die dezelfde functies (met inachtneming van de gebruikte activa en de gelopen risico's) verrichten en zal de uitkomst nagenoeg gelijk zijn. Derhalve acht ik dit verschil minimaal.