Einde inhoudsopgave
Onafhankelijkheid van de rechter (SteR nr. 3) 2011/3.7
3.7 Overige waarborgen van onafhankelijkheid
mr. dr. P.M. van den Eijnden, datum 01-10-2010
- Datum
01-10-2010
- Auteur
mr. dr. P.M. van den Eijnden
- JCDI
JCDI:ADS498618:1
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Staatsrecht / Rechtspraak
Voetnoten
Voetnoten
Sutter, ECRM 1 maart 1979, D&R 16, p. 174, § 2, vierde alinea (‘secrecy of deliberations’).
Morris, EHRM 26 februari 2002, appl. no. 38784/97, § 28 en 71.
Morris, EHRM 26 februari 2002, appl. no. 38784/97, § 27 en 71 en Belilos, EHRM 29 april 1988, Serie A, 132, § 67.
Piersack, EHRM 1 oktober 1982, Serie A, 53, § 27; Morris, EHRM 26 februari 2002, appl. no. 38784/97, § 24 en 71.
Incal, EHRM 9 juni 1998, Reports 1998, 1547, § 67, Ciraklar, EHRM 28 oktober 1998, Reports 1998, 3073, § 39 en Yakiş, EHRM 25 september 2001, appl. no. 33368/96, § 41 (‘professional training’).
Engel, EHRM 8 juni 1976, Serie A, 22 (‘the presence of the two civilian judges in the Dutch Supreme Military Court was an important guarantee’); Morris, EHRM 26 februari 2002, appl. no. 38784/97, § 71 (‘the presence of the legally qualified, civilian judge advocate in his enhanced role under the 1996 Act was an important guarantee’).
Langborger, EHRM 23 mei 1989, Serie A, 58, § 35.
In de jurisprudentie van de instellingen van de Raad van Europa zijn nog diverse andere – niet doorslaggevende – aspecten van onafhankelijkheid te ontwaren, naast de hoofdaspecten van onafhankelijkheid die tot nu toe zijn beschreven. Het gaat meestal om positief geformuleerde waarborgen (bijv. ‘their independence is further protected by ...’, ‘certain safeguards against outside pressure were in place in the present case’, ‘that was an important guarantee’). Als het aan die waarborgen ontbreekt wil dat nog niet zeggen dat het betreffende gerecht onafhankelijkheid ontbeert. Omgekeerd kan artikel 6 EVRM, ondanks de aanwezigheid van die expliciet genoemde waarborgen toch geschonden zijn. Het Hof maakt als het ware een afweging op basis van alle kenmerkende eigenschappen van de rechterlijke instantie. De volgende aspecten zijn aangemerkt als waarborg van onafhankelijkheid: het geheim van raadkamer,1 de regel dat het laagste lid in rang (of de rechter die het kortst in dienst is) als eerste zijn visie en stem geeft,2 het afleggen van een eed (met een bepaalde inhoud),3 de aanwezigheid van regels met betrekking tot geschiktheid voor de uitoefening van het ambt, waaronder incompatibiliteiten,4 en juridische scholing van de leden van het gerecht.5 Ook de aanwezigheid van professionele rechters naast lekenrechters is wel beschouwd als een waarborg van onafhankelijkheid.6 Hun aanwezigheid kan echter lang niet altijd een schending van artikel 6 EVRM voorkomen: ‘The fact that the Housing and Tenancy Court also included two professional judges [naast twee lekenrechters die een schijn van afhankelijkheid en partijdigheid droegen, PvdE], whose independence and impartiality are not in question, makes no difference in this respect.’7 Dit geldt ook voor de overige in deze paragraaf genoemde waarborgen. Men moet steeds in het oog houden dat de aanwezigheid van een of meer van deze waarborgen nog niet betekent dat de rechterlijke instantie in zijn geheel voldoet aan de vereiste onafhankelijkheid in de zin van artikel 6 EVRM.