Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context
Einde inhoudsopgave
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/7.5.3:7.5.3 Casuspositie 3: De campingexploitant (BNB 2000/330)
Voorlichting door de Belastingdienst in rechtsstatelijke context (FM nr. 177) 2022/7.5.3
7.5.3 Casuspositie 3: De campingexploitant (BNB 2000/330)
Documentgegevens:
Mr. dr. T.A. Cramwinckel, datum 29-07-2022
- Datum
29-07-2022
- Auteur
Mr. dr. T.A. Cramwinckel
- JCDI
JCDI:ADS661277:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Algemene rechtsbeginselen en abbb
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Belastingrecht algemeen / Organisatie Belastingdienst
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Bij toepassing van het afwegingskader op de casus van de schadelijdende campingexploitant is het beeld helder. De campingexploitant, te goeder trouw, maakt op basis van de tekst van de toelichting een juiste interpretatie van de toe te passen tabel (stap I). In die tekst stond een foutief getal, maar er was geen reden voor de campingexploitant om de waarschijnlijkheid van zijn lezing in twijfel te trekken. De omstandigheden versterken zijn verwachtingen: hij reageert met een brief waarin hij zijn zienswijze uiteenzet en daarop wordt niet gereageerd; hij vroeg om een voorlichtingsbezoek maar daarop is geen reactie gekomen en hij heeft op basis van de informatie een (extra) verhoging van de kampeertarieven achterwege gelaten. Ruim een jaar later ontvangt de campingexploitant een aangiftebiljet met toelichting, maar dat doet niet af aan zijn eerdere verwachtingen en een tariefsverhoging met terugwerkende kracht gaat niet. De verwachting die bij de campingexploitant was gewekt op basis van de informatiebrief was redelijk (stap I). Daaraan moeten rechtsgevolgen worden verbonden (stap II). Uitgaande van de huidige benadering betekent dat contra legem-toepassing van het vertrouwensbeginsel en verlaging van de aanslag in overeenstemming met de gewekte verwachtingen. Bijzonder is dat daarmee in dit geval ook de dispositieschade die de campingexploitant heeft geleden, wordt gecompenseerd.
Kortom, in dit geval zou de uitkomst hetzelfde zijn als onder de huidige koers, zij het op grond van andere gezichtspunten (en niet pas na een procedure tot aan de Hoge Raad).