De acting in concert-regeling inzake het verplicht bod op effecten
Einde inhoudsopgave
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/9.3.5.1:9.3.5.1 Inleiding
Acting in concert-regeling inzake verplicht bod op effecten (VDHI nr. 136) 2016/9.3.5.1
9.3.5.1 Inleiding
Documentgegevens:
J.H.L. Beckers, datum 01-01-2016
- Datum
01-01-2016
- Auteur
J.H.L. Beckers
- JCDI
JCDI:ADS366335:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
In het gewijzigde richtlijnvoorstel uit 1990 (zie § 3.2) werd nog bepaald dat het ook om onderling afgestemde gedragingen kon gaan. Deze zinsnede is in latere voorstellen niet overgenomen.
Art. 3:9.1 lid 2 sub d)-ontwerp. Zie Nieuwe Weme 2006, p. 11 en p. 52 (discussieverslag).
Doorman 2008-2, p. 498.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In het mededingingsrecht zijn niet alleen overeenkomsten met een mededingbeperkende strekking verboden, maar ook “onderling afgestemde feitelijke gedragingen”. Noch de Overnamerichtlijn, noch de onderzochte landen kent/kennen een dergelijke categorie in het kader van de biedplicht.1 Ook in Nederland is daarvoor uiteindelijk niet gekozen. In het voorontwerp uit 2005 werd onderling overleg nog gedefinieerd als “personen die krachtens overeenkomst, of door op elkaar afgestemde feitelijke gedragingen met elkaar samenwerken met als doel of gevolg het verwerven van de controle.2 De wetgever heeft niet beargumenteerd waarom de zinsnede “op elkaar afgestemde feitelijke gedragingen” later is geschrapt.3
In deze paragraaf bespreek ik eerst kort wat moet worden verstaan onder “onderling afgestemde feitelijke gedragingen” (§ 9.3.5.2). Vervolgens komt aan de orde of de keuze om dergelijke gedragingen buiten het kader van de biedplicht te houden juist is (§ 9.3.5.3).