Einde inhoudsopgave
Fiscale geheimhoudingsplicht: art. 67 AWR ontrafeld (FM nr. 168) 2021/5.3.5
5.3.5 Van de OSV 1995, via de OSV 1997 naar de Wet Suwi
Dr. B.M. van der Sar, datum 05-05-2021
- Datum
05-05-2021
- Auteur
Dr. B.M. van der Sar
- JCDI
JCDI:ADS285428:1
- Vakgebied(en)
Invordering / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Informatieverplichting
Invordering / Inlichtingenverplichting
Fiscaal bestuursrecht / Algemeen
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Voetnoten
Voetnoten
Wet van 27 oktober 1994, houdende de aanpassing van de uitvoeringsorganisatie sociale verzekeringen (Organisatiewet sociale verzekeringen 1995), Kamerstukken II 1992/93, 23 141, Stb. 1994, 790.
Commentaar op art. 100 OSV 1995, aant. 1.1 en 1.2, Module Uitvoering sociale zekerheid en bestuursrecht (online, geraadpleegd op 9 december 2016) en commentaar op art. 98 OSV 1997, aant. 1.2, Module Uitvoering sociale zekerheid en bestuursrecht (online, geraadpleegd op 8 oktober 2019).
Brief Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 28 maart 1994, Kamerstukken II 1993/94, 23 141, nr. 19.
Wet van 26 februari 1997 tot wijziging van de uitvoeringsorganisatie sociale verzekeringen (Organisatiewet sociale verzekeringen 1997), Kamerstukken II 1995/96, 24 877, Stb. 1997, 95 (art. 98 OSV 1997).
Wet van 16 december 2004, houdende invoering van de Wet financiering sociale verzekeringen Kamerstukken II 2003/04, 29 531, Stb. 2005, 37.
Respectievelijk art. 74, tweede lid, onderdelen b en c, Wet Suwi.
Zie ook: Hoofdstuk 10, par. 2.2.
Met ingang van 1 januari 1995 werden de OSV en de Wet SVB vervangen door de OSV 1995 waarin een beduidend minder stringente geheimhoudingsbepaling was opgenomen.1 In art. 100 OSV 1995 werd, overeenkomstig art. 2:5 Awb, het subjectieve element van het ‘kennen of redelijkerwijs moeten vermoeden van het vertrouwelijke karakter van de gegevens’ opgenomen. In de Module Uitvoering sociale zekerheid en bestuursrecht wordt terecht opgemerkt dat daarmee, ondanks de beoogde geslotenheid, min of meer wordt teruggegaan naar een formulering zoals die tot 1 januari 1989 in art. 58 OSV (oud) was opgenomen.2 Zowel in de Tweede als de Eerste Kamer is dit verschil, behoudens een schriftelijke reactie van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op een advies van de toenmalige Registratiekamer, onopgemerkt gebleven.3 Via de OSV 19974 is de geheimhoudingsbepaling terechtgekomen in het huidige art. 74 Wet Suwi.5 Ook deze geheimhoudingsbepaling ziet slechts op vertrouwelijke gegevens. Net als destijds in art. 50g OSV en art. 21 Wet SVB is in art. 74, tweede lid, Wet Suwi specifiek bepaald dat de geheimhoudingsbepaling niet van toepassing is ingeval degene op wie de gegevens betrekking hebben schriftelijk heeft ingestemd met het verstrekken van gegevens of de gegevens niet-herleidbaar zijn tot individuele natuurlijke personen.6 In art. 74, derde lid, Wet Suwi is een onderzoeksverplichting opgenomen. Voorafgaand aan de verstrekking van gegevens dient te worden nagegaan of de ontvanger bevoegd is de gegevens te verkrijgen.7